Vanaf Dunedin volgen we de "Southern Scenic road". Een mooi weggetje dus. De wegen zijn sowieso lekker om te rijden. Heel rustig en alleen bij de echte grote steden iets wat op een snelweg lijkt. De grootste opstoppingen tot nu toe zijn de kuddes schapen die over de weg worden verplaatst. Bij de Curio bay de resten van een versteend bos in de branding zien liggen en vervolgens slingert de weg langs de kust verder tot Invergargill. Dit was de volgende stopplaats.
.
Van Cochabamba naar La Paz, je bent er bijna weer een dag mee kwijt. We klimmen langzaam weer het dal uit waar Cochabamba in ligt en rijden weer de hoogvlakte op. In de middag verschijnen dan in de verte de witte toppen van de bergen in de cordillera Real. Voor het eerst echte hoeveelheden sneeuw op de bergen, in het zuiden was er vrijwel geen sneeuw te bekennen op de toppen.
Vandaag op pad in McLeod Ganj. Hier en in de wijde omgeving van Dharamsala wonen de Tibetanen die hun vaderland zijn ontvlucht. De Tibetaanse regering in ballingschap zetelt ook in McLeod en natuurlijk heeft de Dalai Lama hier zijn residentie. Het is dan ook een gemixed Indiaas - Tibetaans straatbeeld. Veel vrouwen in traditionele Tibetaanse kleding en een lading shops met Tibetaans handwerk.
Ons laatste deel Sri Lanka gaat langs de zuidkust. Dit is waar de goudkleurige zandstranden zijn, baaitjes omzoomd met palmbomen en gevuld met een azuurblauwe zee. Idyllische plekjes.
Maar dit is ook waar de tsunami het hardst heeft toegeslagen. Veel van de dorpjes zijn destijds vrijwel kompleet weggevaagd. Maar er is de afgelopen jaren ontzettend veel hersteld. In de dorpjes zelf is meestal niets meer te zien wat er nog aan herinnert maar kom je hier iets buiten dan staan er nog vaak ruïnes van huizen die nooit meer hersteld zijn. Geen overlevenden, geen geld, wie zal het zeggen... Stille getuigen van het drama van bijna zeven jaar geleden.
Om zeven uur vertrokken met een busje naar Rincon de la vieja. Kost wel een paar duiten maar bij gebrek aan alternatieven leveren we ons maar over aan de Costaricaanse dollarmakers. Het moet de moeite zijn.
Als we richting het natuurgebied om de vulkaan hobbelen begint het al weer zachtjes te regenen. Twee weken droog in Nicaragua en we zijn nog geen dag in Costa Rica en …., ja hoor!








