Ons laatste stuk Peru gaat weer via de kust. Via de PanAmericana naar het noorden. Zo gauw als we de bergen van Cordillera Blanca uit zijn wordt het landschap weer vlak en steeds droger om uiteindelijk gewoon weer in woestijn te eindigen. En die woestijn rijden we nu dus door richting het noorden.
.
Vandaag weer een dagje gravel. Van de kokerbomen gaan we oostwaarts richting grens en het Kgalagadi Transfrontier Park. Dit is weer richting Kalahari en al snel rijden we weer door rode duinen. De duinen liggen allemaal langgerekt van noord naar zuid en aangezien wij hier haaks op rijden krijgen we een uurtje achtbaan cadeau. Continu duin op en weer duin af.
Inmiddels zijn we in de historische koloniale hoek van Brazilië. Deze provincie heet Minas Gerais, een mijnstreek. Het stadje waar we zijn is Ouro Preto.. Prachtig gelegen op de hellingen van de heuvels hier. Wel serieus klimmen zo nu en dan want een rondje door de stad is toch al snel vier keer heuvel-op, heuvel-af. Het hele centrum is voorzien van keien in de straten, ze liggen er al eeuwen. En vol met al die fraaie huizen van honderden jaren oud. En vooral kerken. Een stuk of tien, alleen al in het centrum.
Vertrek uit Varanasi. We vertrekken zoals we gekomen zijn; in het donker. De avond valt hier vroeg en als we even na zessen weer door de steegjes lopen zijn het alleen de schaarse lampjes van de winkeltjes die de boel verlichten, en daarmee de volop aanwezige koeienvlaaien, extra oppassen dus!
Bij de eerste plek waar ook gemotoriseerd vervoer op drie of vier wielen kan komen een tuktuk, of "autoriksja" zoals de driewielers hier heten geregeld om ons naar het station te brengen. Dan begint een rit die op menig kermis tot de topattracties zou horen.
Zaterdagmorgen de taxi genomen naar het vliegveld van La Paz. Het ligt buiten het dal dus we moeten de hele weg weer omhoog. De chauffeur rijdt als een idioot en we zijn er dus ruim op tijd. Het is een kleine luchthaven met maar weinig vluchten, de meeste naar bestemmingen in Bolivia. Onze vlucht naar Rurrenabaque heeft vertraging en we vertrekken een uurtje later. Langs de taxibaan van het vliegveld is een kerkhof met oude vliegtuigen. Prachtige oude vervallen kisten op een rijtje. Nooit eerder gezien op een luchthaven.
Nicaragua en Costa Rica hebben ruzie, niet zo heel erg, maar toch wel een beetje. Schijnt iets te zijn met landjepik over en weer. We zagen het al de afgelopen dagen in de kranten staan, maar bij de grensovergang wordt het helemaal duidelijk. Dat we hier twee weken geleden langs kwamen was het al druk met vooral vrachtwagens. Nu is het MEGA druk. Aan de Costaricaanse kant staat een kilometers lange file met vrachtwagens, allemaal van die enorme Mack trucks. Kennelijk zijn ze even heel stipt bij de Nicaraguaanse immigratie...








