We vliegen vanuit Quito via Quayaquil naar de eilanden. Op het vliegveldje van het eiland San Christobal is het een tijd lang wachten op de bagage. Maar het moet dan ook allemaal met het handje worden uitgeladen en vervolgens mag je een voor een uit de ruimte voor bagage je eigen tas zoeken.
Terwijl we staan te wachten komt er al iemand langs die alle reizigers van de Monserrat probeert te verzamelen. En dat is onze boot! Het is Williams, onze gids voor de komende week. Met een busje gaan we naar de haven en vervolgens met een klein bootje naar de Monserrat, eindelijk aan boord!
.
Van Amritsar gaan we naar Dharamsala. Er gaat een directe bus maar die vertrekt pas na de middag en dan kom je 's avonds pas zo laat aan. En we willen graag wat eerder arriveren dus gaan we voor de overstap in Pathankot. Deze bus vertrekt wel vroeg en zo staan we in het ochtendzonnetje op het busstation van Amritsar. Valt alles mee hier, het is een modern en schoon busstation. Dit in tegenstelling tot alles wat er voor komt rijden want dat zijn weer bussen uit het jaar kruikie...
Vandaag gaan we reizen van Almaty naar Karakol. En dan niet via Bishkek, maar via Kegen en door de Karkara valley. Met grensovergang in ‘the-middle-of-nowhere’. Via internet hebben we vooraf een ‘mannetje-met-auto’ geregeld en keurig op de afgesproken tijd staat Sergei op de stoep. Met Mitsubishi 4WD bussie om ook de slechte stukken door te komen.
Fris en fruitig stappen we rond in Rio. Zo'n vlucht is toch wel even wat anders dan meer dan twintig uur in de bus. Op het vliegveld de bus genomen naar het centrum. Deze doet er wel nog even een uurtje over om in Ipanema te komen. Maar als we uitstappen staan we letterlijk al met onze voeten in het beroemde zand. De busstop is aan het strand. We verblijven deze dagen in het “hostelstraatje” van Ipanema. Een doodlopend straatje met een stuk of zeven hostels. 's Avonds gaat iedereen op straat staan beppen..., heel gezellig.
Het is doodstil als we wakker worden in ons tentje. Alleen zachte passen in het zand zijn hoorbaar als er een koppel kamelen door het kamp wandelt. De zon is net boven de horizon en zet het woestijnlandschap in een betoverend kleurtje. We hebben snel nog even een ontbijt en gaan dan met een van de jongens mee in de auto naar een dorpje in de buurt. Als het goed is komt hier om zeven uur de bus langs richting Aqaba.
Om negen uur staat de pick-up voor. De tassen gaan in de bak en we kunnen op pad. Met Samy dit keer, hij is van een bedoeinen familie uit de buurt van Wadi musa en heeft de kameel verruild voor de 4WD en doet tegenwoordig trips. Gisteravond bij ons hotel nog even dit tripje geboekt, we gaan een dag door de woestijn bij Wadi rum en overnachten daar ook in een tentje.
Samy is een aardige vent, zoals de meeste nomaden een stevige kerel en met een zware stem. Later verteld hij ons dat ie op vijf pakjes sigaretten per dag zat, dus die stem is ook wel weer verklaard.... Maar na hartklachten nu vijf maanden sober en een stuk gezonder, je hoort nog eens wat.








