De Median vallei bij Murghab is heel groen. Aan weerszijde van de rivier is het vlak en groeit alles uitbundig. Het gras staat er hoog. En met een reden, dit is namelijk de wintervoorraad voor het vee in Murghab wat straks gemaaid moet worden.
.
Vandaag de trek naar Kol Ukok. We laten ons met de auto naar het begin van de vallei brengen die naar dit bergmeer leidt. Onderweg een meisje opgepikt. Zij hoort bij de familie waar we vanavond zullen overnachten en loopt mee naar boven. Met z’n vieren op pad, want Rod, een Australiër van 67, loopt ook mee.
De Jeepney. Filipijns icoon. Er moeten er miljoenen van rondrijden, alleen al in Manilla. Althans zo lijkt het. Ze zijn werkelijk overal en komen overal, de straten staan er mee vol. Het is het transportmiddel waarmee je in elk gehucht kan komen. Deze “busje's” zijn ooit ontstaan uit Amerikaanse legerjeeps. Die waren hier in overvloed met de langdurige aanwezigheid van het Amerikaanse leger en bleken ook heel geschikt voor personenvervoer. Inmiddels zijn ze enorm verlengd zodat er flink wat mensen in kunnen en worden ze opgepimpt tot ware kunstwerken. Bijna elke Jeepney ziet er fantastisch uit. Een overdosis aan blingbling en paintbrush. Als de straat weer eens vol staat is het net of je op de kermis bent. Minder geweldig is de enorme hoeveelheid rommel die uit de uitlaat komt. Vrijwel zonder uitzondering rijden ze rond met een tornado aan uitlaatgassen aan de achterzijde. Het is dus vrij smoggie in Manilla...
Met de bus Tokyo uit. In eerste instantie lijkt er geen einde aan deze megastad te komen. En dan opeens maakt het beton plaats voor groene heuvels die al snel weer overgaan in heuse bergen. Tunnel na tunnel passeren we op de weg door de Japanse alpen naar Matsumoto. Halverwege zowaar een uur in een echte Japanse file. Het is druk richting Alpen tijdens de Golden Week.
Doordat we gisteren zo lang hebben doorgereden hebben we vandaag een korte reisdag. De ochtend dus rustig begonnen. Eerst een klein stukje de "zuidelijke highway" op gereden naar het oude dorp Pomda. Het is een boerendorpje met heel eenvoudige lemen huizen. Aan de buitenkant van het dorp is het Temto klooster.
Het is een ommuurd gebouw en vanaf de binnenplaats is de gebedsruimte te bereiken. De grote houten deuren zijn echter gesloten en het geheel lijkt uitgestorven.
Als je van katten houdt zit je goed in Kuching. Je ziet ze hier overal. En dan vooral als standbeeld op een van de vele rotondes. De een nog meer kitscherig dan de ander, maar altijd met een lieve katten blik de wereld in. En waarom?
Kuching betekend in het Maleis kat en dat willen ze dus weten ook. Je hebt hier zelfs een katten museum!








