We gaan vandaag Bagan bekijken. Bagan is een heel bijzondere plek. Er is hier zo'n 1300 jaar geleden een enorme verzameling tempels, pagodes en stupa's op een tiental vierkante kilometer gebouwd. Als je door het plaatsje loopt zie je links en rechts al restanten van tempels maar het merendeel staat in de akkers om het plaatsje heen. Totaal zijn het zo'n 2400 stuks. Je zou in Nederland alle middeleeuwse kerken op een kleine oppervlakte bij elkaar moeten zetten om iets vergelijkbaars te krijgen.
.
Naar Afrika! Met Egypt Air vliegen we via Cairo naar Johannesburg. 's Ochtends om zeven uur gearriveerd. Net als kennelijk nog wat vliegtuigen want de rijen voor de douane zijn lang. Maar toch zijn we er nog vrij vlot doorheen. Onze tassen draaien al rondjes op de bagageband en gelukkig zijn ze alle vier(!) aanwezig. Het zijn er twee meer dan normaal vanwege alle camping zooi die we meeslepen.
Ons laatste deel Sri Lanka gaat langs de zuidkust. Dit is waar de goudkleurige zandstranden zijn, baaitjes omzoomd met palmbomen en gevuld met een azuurblauwe zee. Idyllische plekjes.
Maar dit is ook waar de tsunami het hardst heeft toegeslagen. Veel van de dorpjes zijn destijds vrijwel kompleet weggevaagd. Maar er is de afgelopen jaren ontzettend veel hersteld. In de dorpjes zelf is meestal niets meer te zien wat er nog aan herinnert maar kom je hier iets buiten dan staan er nog vaak ruïnes van huizen die nooit meer hersteld zijn. Geen overlevenden, geen geld, wie zal het zeggen... Stille getuigen van het drama van bijna zeven jaar geleden.
Doordat we gisteren zo lang hebben doorgereden hebben we vandaag een korte reisdag. De ochtend dus rustig begonnen. Eerst een klein stukje de "zuidelijke highway" op gereden naar het oude dorp Pomda. Het is een boerendorpje met heel eenvoudige lemen huizen. Aan de buitenkant van het dorp is het Temto klooster.
Het is een ommuurd gebouw en vanaf de binnenplaats is de gebedsruimte te bereiken. De grote houten deuren zijn echter gesloten en het geheel lijkt uitgestorven.
Voor het eerst staat er iemand met een bordje met onze naam er op te wachten bij de uitgang van het vliegveld. We worden opgehaald, wat een luxe. Het leek ons wel een goed idee dit keer. We komen tenslotte pas na middernacht aan en dan is het wel gemakkelijk om je taxi en hotel alvast maar geregeld te hebben. En dus zoeven we in no-time over een bijna verlaten snelweg richting Casablanca.
De Ruta 40 is voor Argentinie wat de route 66 in de USA is. Een weg van de grens met Bolivia heel in het noorden tot in Vuurland in de zuidelijkste punt. Wij pakken het stuk tussen El Chalten en Esquel. In het geheel een heel klein stukje, maar toch nog twee dagen met de bus. En een stuk door een van de dunst bevolkte gebieden op aarde. Slechts een paar kleine plaatsjes passeren we en een hand vol estancia's. Het landschap is vooral heel leeg.








