Moskou - Trans Mongolie express

Gepost in Reisinfo Hits: 3842

Vervoer

Metro in Moskou voldoet prima. De stations zijn ook nog eens erg de moeite waard. Kosten zijn laag.

Accomodatie / eten metro mokba
In de restauratie wagon van de trein varieren de prijzen tussen de 70 en 160 Roebel. Het eten is eenvoudig maar de kwaliteit viel ons eigenlijk nogal mee. Wel is het zo dat na drie dagen de keuze was beperkt tot spaghetti met worst.
Verder valt er van alles te kopen op de perrons. (ook wel in de trein maar duurder). De prijs op het perron valt erg mee.
Eigenlijk hoef je niet van alles mee te slepen van thuis. Het is goedkoper hier te krijgen.
Een aanrader zijn de gerookte vissen tijdens de stop bij het Baikalmeer. Je moet er even doorheen om zo vroeg (een uur of zes) de vislucht te weerstaan maar later op de dag smaken ze heerlijk.

Bezoeken
Kremlin
Toegang - 300 Roebel
Fotocamera - 50 Roebel
Tassen mogen niet mee naar binnen, onder de toegangspoort zit een soort gardarobe. De prijzen voor opslag varieren afhankelijk van het soort tas. Dagrugzakje 50 Roebel

Geld
Pinnen kan op vele plaatsen in Moskou.
Op dit moment is euro 1 = 35 Roebel

Internet
Ook weer op diverse plaatsen. In het ondergrondse winkelcentrum direct naast het Kremlin zit een hele snelle op de laagste verdieping.
Verder ook in Gamma Delta hotel meerdere mogelijkheden.
Prijs: 70 Roebel per uur

Chili

Gepost in Reisinfo Hits: 4719

Algemene indruk

Chili is ons eerste contact met Zuid Amerika. Het is een behoorlijk westers land wat heel eenvoudig te bereizen is. Van alle westerse gemakken voorzien. Uitgebreide supermarkten! Het is wel een wat duurder land. Vergeleken met Europa altijd nog goedkoop maar een van de duurdere in Zuid Amerika.

Wij hebben vanaf Santiago alleen richting het noorden gereisd, metname om naar Bolivia te komen. Het moet wel gezegd dat het zuiden van Chili erg fraai moet zijn. Maar je moet in ons geval keuzes maken.

Vervoer
Wij hebben ons beperkt tot de bus. Het busvervoer is formidabel. Luxe bussen met steward en strikt op tijd. Op de lange ritten een maaltijd en altijd films of documentaires op het scherm. Overigens heeft iedereen z'n eigen koptelefoon zodat het wel sti lin de bus blijft.

Accomodatie
Alleen bij aankomst hebben we een kamer met badkamer (bano privado) genomen, verder altijd met gemeenschappelijke badkamer (bano compartido). De prijs van zo'n kamer is ongeveer 4000 Pesos, ongeveer 5 euro.
Het zijn eenvoudige kamers, vaak wat donker en zonder uitzondering gehorig. Maar op zich goed te doen. Ontbijt is niet inbegrepen.

Bezoeken
Onze route ziet er als volgt uit; Santiago, La Serena, Copiapo, Calama. San Pedro de Atacama.

Geld
De koers varieert nogal maar gemiddeld is $1 = 600 en Euro 1 = 780 Pesos.
Pinnen kan overal en alle automaten accepteren cirrus / maesto en natuurlijk ook Visa / Mastercard.

Internet
Internetten is overal mogelijk. Het kost ongeveer 500 pesos per uur.

Santiago

Algemene indruk
Leuk voor even. Westers centrum met een enorme hoeveelheid fastfood zaken en een overdaad aan lawaaierige bussen. Het heeft nog wat coloniale historie, met de wandeling uit de LP heb je alles wel gezien.

Vervoer
Eigenlijk bijna alles lopende gedaan. Er is wel een perfecte metro. Een ritje centrum busstation duurt 10 minuten en kost 400 Pesos.

Accomodatie
Verbleven in Hotel Londres in de wijk Barrio Paris Londres. Het hotel ligt in een heel leuk wijkje met kinderkopjes in de straat. Het Hotel is wel ok maar niet heel bijzonder. USD 25 per kamer. Vrij duur, maar inclusief ontbijt. Overigens is er heel accomodatie in dit wijkje maar alles is deze prijs of duurder.

Eten
Santiago is vergeven van de fastfood. In de omgeving van het hotel zitten ook heel wat restaurantjes. Wel een stuk gezelliger maar geen geweldige kwaliteit. Leuk om te doen voor lunch zijn de hotdog cafeetjes. Het is een beetje het volksfood en je komt het ontzettend veel tegen. Worden hier verkocht als "kompleto".

Ook heel veel (schep)ijs te koop. Erg lekker en niet al te duur.

Bezoeken
Een wandeling langs de oude gebouwen in het centrum is de moeite waard.

Geld
flappentappen all over the place.

Internet
In de wijk Paris Londres zitten er een stuk of wat. 500 Pesos per uur.


La Serena

Algemene indruk
Leuk stadje. Rustig en overzichtelijk met een aardig centrum. Vanuit het centrum is het ongeveer een half uur lopen naar het strand.

Vervoer
Bus Santiago - Copiapo kost 6100 Pesos p/p en duurt ongeveer zeven en een half uur.

Accomodatie
Hostal Irma Vargas. Irma ontmoet op het busstation meegegaan naar een huis wat ze per kamer verhuurt. Was prima. Geen andere gasten dus het hele huis voor ons alleen. Met keuken, huiskamer + tv en stereo. 4000 Pesos p/p

Eten
Hier zelf maar weer eens gekookt. Naast Mercado la Recova zit een grote supermarkt en achter het busstation is een enorm winkelcentrum.

Geld
flappentappen all over the place.

Internet
Een aantal internetcafees in het centrum, 500 Pesos/uur.

Copiapo

Algemene indruk
Weinig bijzonders maar handig om de rit naar Calama te splitsen.

Vervoer
Bus La Serena - Copiapo kost 4500 Pesos p/p en duurt ongeveer vijf uur.

Accomodatie
Ben Bow. Goedkoop maar geen topper. Voldoet voor een nacht. 4000 Pesos p/p

Eten
Vlak om de bij Benbow (richting plaza) zit een restaurantje met heel goedkope dagmenu's. Heel kompleet met vooraf en desert voor maar 1000 Pesos. Koopje!

Calama

Algemene indruk
Betonoase in de woestijn. Maar voorzien van alle gemakken. Heeft ook weer een lekker plaza om te relaxen en mensen te kijken. Verder hier niets gedaan.

VervoerTurbusticket
Bus Copiapo - Calama kost 11000 Pesos p/p en duurt ongeveer negen uur.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Accomodatie
Verbleven in Residential Los Andes. Op zich ok maar bleek 's avonds vrij lawaaierig van de naast gelegen cafees. 4000 Pesos p/p


San Pedro de Atacama

Algemene indruk
Leuk dorpje, schattige straatjes en oude huisjes. Heel relaxed, prima om even te ontspannen. Wel heel veel toeristen in het dorpje!

Vervoer
Bus Calama - San Pedro, 1300 Pesos,een kleine 2 uur rijden.

Accomodatie
Recidential Eden. Een prachtig plekje met een mooie binnenplaats met grote boom (schaduw!), zitjes en hangmatten. Er is tevens een klein keukentje. 4000 Pesos p/p

Eten
Het zit vol met leuke restaurantjes die echter wel aardig aan de prijs zijn. Wat uit het "centrum" zitten wat goedkopere. Ook gekookt in het hostal.

Bezoeken
Er worden heel wat trips in de omgeving aangeboden. De El Tatio geisers, Valle de Luna en de Salar de Atacama zijn de populairste. Wij hebben alleen de Valle de Luna gedaan aangezien we al geisers en zoutvlaktes in onze trip hierna naar bolivia zouden gaan zien.

Valle de Luna (maanvallei); De trip start om vier uur 's middags en duurt tot na zonsondergang. Je ziet prachtige landschappen en eindigt op een enorm zandduin voor de zonsondergang. Met nog honderden andere toeristen overigens want dit is een populair tripje. Maar zeker de moeite waard.
Kosten: 3000 Pesos + 1500 entree.

Verder kan je mountainbiken in de omgeving en sandsurfen op de zandduinen

Geld
Er staat een mobiele geldautomaat tegenover het politiebureau.

Internet
Heel wat mogelijkheden, 1000 per uur.

 

Sumatra

Gepost in Reisinfo Hits: 2184

In 2002 bezochten we Sumatra. Op dat moment zat het toerisme richting Indonesie helemaal in het slop als gevolg van het rumoer rond de verkiezingen en de spanningen na de aanslagen van 2001. Het werd dus een trip zonder al te veel andere westerlingen. Sterker nog, in vrijwel alle accomodatie waar we overnacht hebben waren we de enige aanweigen. Kommer en kwel dus voor de mensen die hier in hun levensonderhoud mee proberen te voorzien. Wel een prachtig land gezien: het geweldige Gunung Leuser met z'n Orang Utans en het meer bij Maninjau als hoogtepunt. Hieronder een overzicht van de plaatsen die we hebben aangedaan met onze ervaringen van toendertijd, het komt nog van de oude site en is dan ook nog in het Engels...

Sumatra info

Gepost in Reisinfo Hits: 5003

Medan
The Capital of North Sumatera Province and the largest city in Sumatera with a population of around 2 million. Many travellers stay around the Grand Mosque, or Mesjid Raya, where there are a number of budget hotels as well as star rated ones. The Mosque, one of Indonesia’s largest, was built in 1906 in the Moorish style. Remember if you want to look inside to dress respectfully, no shorts or bare shoulders, take your shoes off before you enter. Maimoon Palace is also open to the public. Medan does not get very good write ups in some guide books and many tourists don’t think of staying very long, but it can be a fun place. It has bars with live music, cinemas, disco’s, you can go 10 pin bowrling, play pool, swim, or take a city tour. It’s also the best and the cheapest place to catch up on your e-mail or surf the web.

If you find yourself stuck in Medan for longer than you wanted and are bored, you could try The Library, an excellent collection of reference books and novels, including many classics in English. Tourists can join, taking two books for a deposit of Rp 25.000 each book. Or if you want to be entertained and educated at the same time, you could visit the Indonesian Palm Oil Research Institute at Jl. Brigjen Katamso 51, Medan. Everything you could ever want to know about palm oil production, cloning, eco pest control (breeding owls to control rats) and the dozens of uses the tree can be put to, from furniture to fuel and compost to cosmetics. Drs. Is. Witjaksana speaks good English and is happy to show you around. Tel (061) 762466

A cheap, pleasantly cool afternoon can be spent at the picturesque swimming pool at Danau Toba International Hotel for around a dollar, and their popular Tavern Bar in the evening for live music, or you can go to one of the shopping mall’s cinemas, where many of the Western world’s latest releases are being shown.

But if you really have to get out of the city for a day - go to the beach. Pantai Cermin is just one hour, or 45 km north. Take the Sumbar Jaya bus from Amplas bus terminal to Derbaungan city, (Rp 3.000) and a blue mini bus to the beach. (Rp 3.000) An easy day trip.

The Medan Tourist Workers Association (MTWA) at Jl. Sisingamangaraja No 76 can organize a city tour which takes in all the sights or can be tailored to suit your wishes. They can also arrange transport to any destination or organize jungle trekking, including the 3 day trek from Medan to Berastagi. They can also help to sort out any problems you may have.
The Medan Tourist Workers Association (MTWA) at Jl. Sisingamangaraja No 76 can organize a city tour which takes in all the sights or can be tailored to suit your wishes. They can also arrange transport to any destination or organize jungle trekking, including the 3 day trek from Medan to Berastagi. They can also help to sort out any problems you may have.


Changing Money
The Rupiah has been hovering around 10.500 to the US dollar through the last years. However, the currency is still volatile and you are unlikely to get the rates quoted in newspapers unless you use your credit card. Some ATM’s will charge a fee of Rp 25.000 per transaction if the ATM does not represent your own bank. Cirrus and BNI are two of these. Some of the best places to cash money in Medan are the Bank Buana Indonesia, Bank Lippo, Bank Bali and the BII. One of these will generally have the best rate in town, but money changers are often very competitive. As rates change daily you may find it difficult to change money at banks before 10.00 am, or until the new rate comes in. At some, money can only be changed between 10.00 am and 12.00 noon. All the banks are walking distance from The Grand Mosque.
If you are changing cash rather than travellers cheques you may find that even slightly soiled, creased, or stapled notes are not acceptable. Cash, if clean, usually gets a better rate than travellers cheques. Rates will generally be better in Medan than elsewhere in Sumatera.
Tourists can open bank accounts with Rp 100.000. This will give you an ATM card which you can use at many outlets in Indonesia, Singapore and Malaysia with a limit of Rp Two million per day, but you may have to wait about a week to ten days for your card.
At the BNI, you can have 3 types of account. Savings Account. In Rupiah. Passbook, ATM card. Account earns interest. Deposit Account. In Rupiah. Deposit for one month minimum, with a roll over. Account earns good interest. Dollar Plus Account. Cash remains in Dollars and earns interest, but you cannot withdraw dollars. You can withdraw Rupiah at today's rate or you can transfer money out of the country still in dollars. However, you can only draw cash at the branch where you open the account, so is only useful for people who want to stay in one area for a few months.

Medan’s Shopping Malls
There are a number of A/C shopping malls and Plazas in Medan, all have ATM’s, supermarkets, shops and western fast food outlets like McDonalds, KFC and Dunkin’ Donuts, but many offer entertainment as well.

Yuki Simpang Raya:
The pink building next to the Grand Mosque. ATM, Amusement arcade, No Internet. Limited food court.

·Perisai Plaza:
Opposite Lippo Bank. 10 Pin Bowling. Internet. 6 screen Cinema. Kristal Disco. Karaoke, Amusement Arcade. Lunar Café with pool tables. Cheap software.

Deli Plaza:
3 Plazas joined together and you can find most things there. Good for cheap software. Internet. 6 Screen Cinema. Amusement Arcade. Good Chinese and Thai food. Bus 30 or MRX

Thamrin Plaza:
4 Screen cinema. Excellent food court. Fire Disco. Amusement Arcade. Swimming Pool. Internet. No direct bus, Becak +/- Rp 4.000.

Medan Mall:
Internet. An interesting Mall with A/C section plus market stalls, and the older, large Olympia Plaza nearby. A good area for cheap shopping. Bus no. 03 from Mesjid Raya.
Medan Mall is for most people only a large, block square four story modern shopping complex - and it is all that. Well, it does have a halfway good book store on the 4th floor, a couple of stores where you can buy music and cheap software, but if you have never explored beyond the first mega mall - you will have missed 90 % of what the area has to offer. Walk through the first Mall and you will discover another one behind it, almost as large, but this is a true native market. A two story labyrinth of a souk, comprising of almost one thousand numbered shops, each competing with the one next to it, to offer you the best of the cornucopia of Sumatera. It is a vibrant village unto itself, and you will find it full of friendly people. If you enjoy a good cup of strong coffee and want to make your own I would recommend shop No. 266, where you can find several grades of bulk ground coffee. Grade 1, his strongest, is a bargain at Rp. 7.500 per half kilo because you don’t need to use very much of it. The coffee is from the highlands of Sidikalang, a gateway city to Aceh, and goes by the brand name of Tennis Ball. Outside, adjacent to the native market, you will find an Indian section of shops, and several specializing in bulk dried herbs, spices and grains. They also sell ‘Jamu,’ the packaged native Herbal Medicine which is so popular in this country for a variety of ailments.

At first glance, Medan appears to be busy, noisy, polluted, and not a place to stay, but there are several places which are worth a look or a photograph or two. The Military Museum at Zainul Arafin St. has lots of old cannons and guns, including weapons used in the War of Independence, and paintings depicting struggles against the Dutch. Just a few hundred meters further on is the Hindu Sri Marriamman Temple, built in 1884 and devoted to the goddess Kali. This typically colourful and elaborate temple is Medan’s oldest and most venerated Hindu shrine. Remember to remove your shoes before entering, and keep quiet inside the temple grounds.

The Sri Marriamman Temple marks the beginning of the Indian Quarter, the Kampung Keling, the largest of its kind in Indonesia. Curiously, this quarter also houses the largest Chinese Temple in Sumatera, the Taoist Vihara Gunung Timur (Temple of the Eastern Mountain), which, with its multitude of dragons, wizards, warriors and lotus petals, is tucked away on tiny Jalan Hang Tuah, 500 meters south of the Hindu Temple.

Maimoon Palace was built in 1886 and is open to the public. The Palace, the impressive, ornate, black domed Mesjid Raya or Grand Mosque, (built 1906) and Taman Sri Deli (garden) are historically all part of the same complex.

The Museum of North Sumatera at 51 Jl. H. M. Joni (open Tue to Sun, 8.30 - 12.00, and 1.30 - 5.00), was established 20 years ago to present and preserve the natural and cultural history of North Sumatera’s ethnic groups. Like most provincial museums in Indonesia, this is large, informative, well laid out and inexplicably deserted. The concrete reliefs on the museum’s facade depict a couple dressed in traditional costume from each of the area’s ethnic groups. Inside is the history of Sumatera from pre-history to the present day. Highlights include a couple of Arabic gravestones from 8 AD and a number of ancient stone Buddhist sculptures found buried under Medan’s Chinatown district.

There is also the Crocodile Farm, Asam Kubang Village, 10 km from the city centre, with 2.000 crocs of different species, open from 9 am to 5 pm. And then there is the Zoo, three hectares full of animals, with traditional shows given on Sundays, but both the Zoo and the Crocodile Farm may have limited appeal to many westerners.

Medan Architecture  To the first time visitor, Medan can appear as an uninteresting city of tin roofs and gaudy shopping plazas, but to those with some enthusiasm for exploring where they are, there are some wonderful examples of Dutch architecture and Art Deco buildings. Constructed largely during the mid nineteenth century, these buildings are a testimony to the wealth generated by the plantations owned by the colonies. The Central Post Office and Grand Mosque are obvious examples of this, but many others are hidden in back streets and in the outer city suburbs. Unfortunately, many of the original facades have been covered with later ones, but the original design can often be easily seen. Architectural evolution can be traced over this period through the many different buildings scattered around Medan. Many buildings have become derelict, vandalized, or abandoned, but by searching the back streets you are rewarded by fascinating glimpses of the past, - a cosy bungalow, a disused warehouse, unique to this period of Dutch occupation. Some of the best areas to find these buildings is around the central city area of Balai Kota, and out towards Kampon Keling and Medan Baru. The wealthy estate owners had fine houses built around Polonia (where the airport is), and their management and employees in the Silalas area. Many of the former estates close to the city still have the workers houses, either long buildings sectioned off for separate families or neat rows of semi detached bungalows. These are now privately owned and usually occupied by the Melayo peoples, who originally lived in the area before it was cleared for plantations. The best way to see this architectural heritage is by bicycle or motor bike.

From Medan by bus:

Bukit Lawang
To Pinang Baris Terminal, Medan on blue bus No. 37, or No. 64, or white MRX for Rp 1.400 (from around Grand Mosque)

Berastagi Red Mini Bus No 41 to Padang Bulan Bus Terminal Medan for Rp 1.400

Singkil for Pulau Banyak
From Restaurant Singkil Raya on Jl Bintang at the bird market near Olympia Plaza, departure 9.00 to 10.0 am, or mini bus to Subulussalam from Padang Bulan bus terminal.

Kutacane, for Ketambe
From Pinang Baris Terminal or Padang Bulan Bus Terminals, Medan.

Sibolga
From Jl Sisingaramgaraja, Sempati or Bhineka mini buses, at 8.00 am & 10.00 am and 8.00 pm & 10.00 pm, or from Amplas. bus terminal

Pulau Weh
Day or Night bus from Pinang Baris Terminal, Medan, or by overnight Pelni Ferry from Belawan Port. Check latest developments before going by bus.

Lake Toba
Nearly all mini buses go to Amplas Bus Terminal in Medan approximately every two minutes, Rp 1.400. Buses to Parapat at various prices depending on A/C or non A/C.


Hospitals & Clinics
There are good, reasonably priced hospitals (Rumah sakit) in Medan, one of the most popular being The Saint Elisabeth Hospital, 7 Jl Haji Misbah Tel. (061) 545158 or 544164.

Gleneagles Hospital at No 6, Jalan Listrik provides first class health care at Singapore standards. Tel 4566368.

The Klinik Spesialis Bunda, a 24 hour clinic at Jl. Sisingaramgaraja No 17 which has good facilities and specialist doctors.

Klinik Mata a little further up the street toward the water tower, No 10/23 specialises in eye problems.

There is a Special Clinic for sexually transmitted diseases - the Materna Klinik, Jalan Teuku Umar No 11, Kampung Keling, Medan. 24 Hour testing and treatment for men and women. One Hour Analysis. Tel 4514222


General Consulate's
AUSTRALIA Jl Kartini No 32, Medan. Tel 455780 - 324520
BELGIUM, BRITAIN. Jl Kapt. Pattimura No 459, Medan.Tel 82105259
FRANCE Jl Karim MS No 2 Polonia, Medan. Tel 4566100
GERMANY Jl Karim MS No 4, Medan. Tel 4537108
JAPAN Wisma B.I.I # 5 Jl P. Diponegoro No 18, Medan. Tel 4575193
MALAYSIA Jl P. Diponegoro No 43, Medan. Tel 4531342 - 535271
NORWAY, DENMARK, SWEDEN, FINLAND Jl Hang Jebat No 2, Medan. Tel 4553020
NETHERLANDS Jl A. Rivai No 22, Medan. Tel 4519025


Gunung Leuser national park

Bukit Lawang
Tigers are found everywhere in Sumatra and are very numerous in some districts. On the whole they are useful animals, as they keep down the numbers of boars, which are harmful to cultivated fields. But when the tiger is old and no longer fleet enough to catch wild boars, deer and apes, it has to be satisfied with poorly armed human beings. Such a man eater spreads terror in the neighbourhood and is a hindrance to social intercourse. 'Sumatra, its history and people,' Edwin M Loeb (1935)
The Sumatran Tiger is no longer the 'hindrance to social intercourse' that it once was. There are only about 500 left in the whole of Sumatera, about 60 of which live in the park - one of the largest populations left on the island. Your chances of seeing one of these magnificent creatures is extremely slim, and sadly, they are not the only endangered species in Leuser Park. The Asian elephant, clouded leopard, marbled cat, crocodile and sun bear live here too, and all have dwindled alarmingly over the past 50 years. The park is also host to Indonesia's most endangered animal of all, the Sumatran Rhinoceros. About 40 of these shy creatures are still believed to live in Leuser, in the south western corner in an area out of bounds to trekkers.
Of all the endangered species, the only one you have a good chance of seeing is the orang utan. Thanks to the work of the rehabilitation centre, over 5.000 now live in the park. Other primates that you are likely to see include the white breasted Thomas leaf monkey, the long and pig tailed macaques, the white handed gibbon and the cuddly black siamang. Back on the ground, there are four species of deer, the ajak (a wild dog) and in the upper reaches of the park, a fairly large mountain goat population. Flying squirrels, flying foxes, bats, tortoises, turtles and several species of snake are also present, including the king cobra and the mag- nificent python, the biggest snake in Indonesia at over 10m long.
The Leuser Ecosystem lists over 382 species of birds, 105 species of mammals, 103 species of reptiles and 35 species of amphibians. The flora contains some 3,500 plant species, and in one hectare you can find 130 different tree species. (Compare this to Britain, with about 50 native trees for the entire country.)
The area is largely limestone so there are some caves, one of which is 2 km, or 25 minutes walk south from the Bus Terminal, and which is the home of thousands of bats. Take a torch or flashlight with you. Orang-utans feeding time at the Sanctuary is at 8 am and 3.00 pm daily, but get there earlier. It is a 2 km, very pleasant walk up the river from Bukit Lawang to the Orang-utan Station and then a short climb to the feeding site. Get your permit from the PHPA office and bring your passport. Permits are valid for one day. (2 visits.) The Tourist Information Service, Visitor's Centre, and Permit Office (PHPA) are all close to the bus terminal.
Tubing on the river is great fun, you can carry your tube up river as far as you want to so that you can see the river first, and float back. Or float from Bukit Lawang to Bohorok, about 12 kilometres away, in an inflated tube which you can rent cheaply from many places. Stop at the bridge and return to Bukit Lawang by public bus. Check the river conditions before setting off, and ask the guides if you are unsure.
White water rafting can also be arranged down the Bohorok or Wampu rivers, and of course, Bukit Lawang is a natural centre for jungle trekking, whether it is just for one night or for a week or more. Bukit Lawang is a very popular spot for local people from the towns and cities at weekends, when it can be quite crowded.

To get there from Medan you can go by Tourist Bus, which will pick you up at your hotel, by public bus which leaves Pinang Baris Bus Station every two hours, or by shared taxi.
To get there from Medan you can go by Tourist Bus, which will pick you up at your hotel, by public bus which leaves Pinang Baris Bus Station every two hours, or by shared taxi.

Orang-utans

Orang-utans feeding time at the Sanctuary at Bukit Lawang is at 8 am and 3 pm daily, but get there earlier. It is a 2 km, very pleasant walk up the river from Bukit Lawang to the Orang-utan Station and then a short climb to the feeding site. Get your permit from the PHPA office and bring your passport. Permits are valid for one day. (2 visits.) The orang-utans at Bukit Lawang have all been captive bred in one way or another. They are therefore not afraid of humans, but that does not mean that it is ok to touch them or give them bottles of coke or shampoo packets to see what they do with them.
The DNA in orang-utans is so close to that of humans that they are very susceptible to the same diseases. Even the common cold can kill them. These amazing beings only exist in Sumatra and Kalimantan and they are being quickly wiped out by deforestation, forest fires and neglect by humans. Therefore, it is becoming difficult to preserve them and conservationists estimate that in the next 10 years it will be impossible for them to maintain their population, and in 30 years time they will be extinct in the wild. So; If going trekking, please do not feed them or attempt to bring them close. Consider what is good for them and not what is good for you. They are incredible creatures and we are fortunate to still be able to observe them in a natural setting. Let us hope that we can preserve them for our, and their, future generations.


Ketambe
Ketambe, or more accurately, Balai Luta. Ketambe is the name of the river which joins the Alas river as it runs north to south through the Alas valley between the mountains.Situated one hour north of the town of Kutacane by mini bus, there are several guest houses but no shops other than a couple of small “toko” selling basics. Do your shopping in Kutacane. It is better to arrive with money. All the accommodation is situated on the edge of the primary lowland rain forest of Gunung Leuser National Park. Lowland rain forest is becoming increasingly rare because of legal and illegal logging activities.
The road climbs steeply away from the Alas river and there is more accommodation one or two kilometres further on. There are trails into the forest, but it is quite easy to get lost so take a guide with you if you want to feel safe. Dress appropriately, as besides the more exotic wild life you may come across, there are also horse flies, leeches and mosquitoes. Macaquer, gibbons and orang utan are frequently seen here, but these orang utan, unlike those at Bukit Lawang, are completely wild. Keep quiet when you are looking for wild life, and keep your ears open for movement in the branches and falling fruit. Binoculars will make it far more interesting if you have a pair. Two hours walk will bring you to a spot where a hot spring joins the main river, giving a choice of swimming temperatures. Mountain trekking can also be arranged here. It can be fatiguing but unforgettable to see the forest change as you climb higher, and the views of up to one hundred kilometres from the top are magnificent. Take warm clothes and a sleeping bag as it can get really cold at night. Rafting too can be organized, from one to five days, with the first day being the wildest. After Kutacane it becomes calmer and you float pleasantly downstream – although there are still a few exciting spots ahead.

Anyone for Whitewater?
Only a couple of hours away from Medan there are some excellent opportunities to enjoy the thrills and spills of whitewater rafting. Other rivers in the interior of Sumatera are world class, (the world championships were held in Sumatera)
Whitewater rivers can be descended by inflatable raft, or kayak or canoe through adrenaline pumping rapids between gentle glides across some of Sumatera's finest and wildest scenery.
There are two rivers which can be tried by anybody between 16 and 60 and in normal physical condition. The Bingei river is fine for beginners, although it still has a long string of rapids up to grade III - grade IV in high water conditions. The flow of the river is quite sustained as it enters a canyon and the rapids are almost non-stop. It culminates with a 3 meter "Dragon's tongue" drop on the right side of the river, (but this can be avoided by going left.) The descent takes a minimum of three hours, according to water conditions, through a succession of dramatic landscapes until you reach the carpet of rice fields surrounding Namo Sira-sira.
Wampu river, which flows near Bukit Lawang is also an excellent introduction to whitewater and to the dramatic Sumatran landscape, with excellent opportunities for spotting wild life along the way. From the moment you enter the boat it is non-stop rapids for the first hour as the river enters a canyon, and as you leave it there are hot springs for a warm bath. From here the rapids progressively calm down after passing "Waterfall" (Grade III) for you to start enjoying the serene environment of Leuser National Park, with views stretching into the distance.


Lake Toba
Nearly all visitors to North Sumatera visit this beauty spot. Samosir Island in the middle of the lake is the size of Singapore, and it is a fascinating place to explore by motorbike. If you want to go right around the island from Tuk Tuk, bear in mind the trip takes about 7 hours, so start early. It is best to go clockwise, toward Tomok, that way you will do the most difficult part of the journey up the mountain on a dirt road while you are fresh, instead of coming down it, maybe in the dark. Besides, the views from the top are magnificent, and it would be a pity to miss them because of failing light. Drive carefully, as in the eastern end of the island the roads are very pot holed. An easier option is the 45 km trip to the hot springs on a reasonably good road. Bicycles can be rented to explore the local area. Trekking too can be organized around Lake Toba, with a good chance of seeing monkeys or gibbons, or you can walk across the island to the hot springs near Pangururan. (There are two Guest Houses on the top if you want to spread it over a couple of days.)
The temperature of the lake is close to 80 degrees Fahrenheit all year round, so it’s comfortable for swimming or getting wet in a rented canoe or tube.
Money changers can be found at Tuk Tuk and in Parapat, but there is no bank, only an ATM. The nearest bank is in Siantar, one hour from Parapat. There is a big traditional market in Parapat on Saturdays, a smaller version on Tuesdays and Thursdays and the town has a 9 hole golf course.
But if you don’t feel too energetic, Lake Toba is the perfect place to unwind and take a break from travelling. There are some good walks, good book shops and libraries, and some good bars to help you relax.

Lake Toba - by Train
At Siantar, walk out to the main road and flag down a mini bus to the Bus Terminal, Rp 700, or take a Becak from the station, approx Rp 4.000 and there you will be shown the bus to Parapat for Rp 4.000, a one hour ride.
The return journey, from Lake Toba to Medan means catching the 10.00 am ferry from Tuk Tuk Harbour to catch a bus to Siantar, to connect with the train which leaves at 1.15 pm, arriving in Medan Station at about 4.30 pm.

Around Samosir Island
Tuk Tuk Siadong
A peninsular of Samosir island. The main area for tourists, with many restaurants, guest houses and hotels of various prices, gift shops, motor bike and bicycle rent. Parapat Ferry hourly, from 7 am to 5 pm.

Tomok
Vehicle and passenger ferry to Parapat. King Sidabuar’s royal stone tomb. Ancient traditional Batak houses with carved beams. Several hotels and many souvenir stalls. Best starting point for motor bike tour right around Samosir Island.

Ambarita
Rows of traditional Batak houses and remnants of King Siallagans reign, such as stone chairs and the execution block. Small entrance fee. There is a museum, and a small donation will earn you a luridly graphic description of past executions. Several hotels & guest houses. Preferred by tourists who want a quiet and relaxing stay. Many souvenir stalls. Ferry to Parapat mornings only. Nice sandy beaches along this part of the coast. Small market on Thursdays. Starting point for cross island trek. Ferry to Tongging on the north tip of the lake.

Simanindo
16 km past Ambarita. The King’s Long House, or Huta Bolon museum, an ancient Batak house which used to host Batak dancing every day tragically burned down late in October. Two small islands off shore. Saturday Market.

Pangururan
The economic and governmental centre for Samosir. Cross the bridge to the mainland for the hot springs, 3 km from the town. Several swimming pools, or climb up the hill to where the springs come out of the ground. Market every Wednesday. Driving further past the hot springs another 22 km, you climb steeply on a zig zag road to Tele, where there is a tower you can climb for panoramic views of Lake Toba and Samosir.
Further on round the island are the villages of Rianiate, Palipi, Mogang, Nainggolan, Onanrunggu, and Janji Matogu. If you are driving around Samosir, be careful. Some of the bridges are broken and you will need to wheel your bike across (or pay someone else a few thousand Rupiah to do it.) The road between Tuk Tuk and Pangururan is mostly good, but on other parts of the island, very pot holed.

Lake Toba Ferry Times
Ferries to Tuk Tuk leave Parapat Harbour on the half hour from 7.30 am to 7.30 pm., (except 6.30.) Ferries from Tuk Tuk to Parapat circle the peninsula from the Ambarita side, picking up passengers before calling at the main harbour and leaving on the hour from 8 am to 5 pm. There is one ferry at 7 am from Tuk Tuk harbour only. Ferry price is Rp 3.000 whether you buy from an agent or on the boat.
Ferries to Tuk Tuk leave Parapat Harbour on the half hour from 7.30 am to 7.30 pm., (except 6.30.) Ferries from Tuk Tuk to Parapat circle the peninsula from the Ambarita side, picking up passengers before calling at the main harbour and leaving on the hour from 8 am to 5 pm. There is one ferry at 7 am from Tuk Tuk harbour only. Ferry price is Rp 3.000 whether you buy from an agent or on the boat.

Aspects of Batak Culture
Formed by an Earth splitting eruption 75,000 years ago, Lake Toba is now the home of the Batak people. It is the largest and deepest crater lake in the world. 906 meters above sea level, a water surface area of 1,265 square km, 90 km long with a coastline of 285 km, and with an average depth of 450 meters. The population of Samosir Island is approximately 120.000, or 157 per square kilometre - nearly twice as densely populated as the rest of Sumatera. ‘Horas!’ is the local greeting - delivered with enthusiasm!
The Batak people love their lake and island, and many traditional local songs are written about it. You are sure to hear some of these Batak songs on a visit to Lake Toba, it is a part of the local culture - walk past a toddy shop any evening after local men have consumed a few glasses of Tuak, or palm wine, and you will hear it for yourself. It seems everyone can play guitar or pipes and sing, and indeed there are some very talented musicians at Lake Toba as well as some very fine wood craftsmen.
The Batak people love their lake and island, and many traditional local songs are written about it. You are sure to hear some of these Batak songs on a visit to Lake Toba, it is a part of the local culture - walk past a toddy shop any evening after local men have consumed a few glasses of Tuak, or palm wine, and you will hear it for yourself. It seems everyone can play guitar or pipes and sing, and indeed there are some very talented musicians at Lake Toba as well as some very fine wood craftsmen.
Social life in Batak country has its own rules for courteous behaviour and good manners. The most important rule is that the most distinguished person present takes precedent over all others. He walks before the others, who follow in order of rank. He is given the most honourable place. While sitting, one takes care not to turn one’s back on him. One never passes in front of him. If one has to, one apologizes while making a gesture with the right hand and bowing low so as to keep one’s head lower than the distinguished guest. Honour to whom honour is due is the ground rule of courteous behaviour.
On festive occasions, part of the meat is divided up to be taken home according to the nuances of rank and position. The lower jaw and chin, considered to be the finest pieces of pork or beef, are for the most distinguished guests, the shoulders and neck are second best. If there are many guests, the pieces of meat are small but that does not matter, it is symbolic, and the meaning remains the same.
When a guest enters a house, the host bids him welcome, a mat is unrolled and both sit down with crossed legs. When addressing his guest, the host uses his title; sir, uncle, aunt, brother-in-law. One apologises for using a word considered offensive or indecent, such as rat, dog, pig, louse, flea or tail. Anything which might hurt the other’s feelings is avoided. One cannot say no to a glass of tea or a smoke. The women and girls keep a respectful distance from the men.
When a Batak reaches a great age and has many children and grand children, he is comfortably off. The sons and daughters often give a feast to honour their parents, and in former days, they used to go to the forest to get wood for a coffin. When a person dies, the women come to mourn and lament while the men go and inform the people. The gong is sounded. Old people who have passed away often remain above ground for a week before they are interred. Sometimes, food is put on the grave for the ghost of the deceased. After a number of years, the body is exhumed and laid to rest in a concrete tomb, then there is a big celebration at which - so it was believed in former days - the spirit of the deceased took part in the dancing.


The “Magic Stick”
A Batak magical staff is 1,80 meters long and 5 to 6 cm in diameter. Old Bataks tell us that in former days these staves were carved out of a certain kind of hardwood by the priest / Magicians themselves. As often happened with old works of art, there was no clear unanimity as to what a magical staff should look like. That is why no two staves are exactly the same. Nevertheless, they have some common features. Nearly all staves show a vertical accumulation of human and animal figures squatting one on top of the other. The genuine, original staves mostly have seven human figures, besides a serpent, a lizard and a cow. At the top is a male figure and under that a female figure. All human figures have conspicuously big heads. The head of the figure at the top wears a turban with a tuft of horse main. The staff ends in an iron point, enabling the magician, the datu, to stick it into the ground.
Many stories about the magic staff are still in circulation, with incest as their central theme. The staff was used to ensure welfare and happiness and to ward off calamities. It also functioned as a bearer of disaster, disease and death, as a counsellor to rulers, a bringer of rain in times of drought, a dispeller of clouds during the wet season and a mouthpiece of supernatural beings. The magic staff brought fertility to people, animals and the land. It was used to extinguish fires, ward off diseases and epidemics, track down thieves and murderers. There are no original and genuine staves left in Batak country, all are kept in museums. The staves on sale are replicas. (but none the less carved with great skill. They are made in three pieces so can be taken apart for carrying or posting.)

The Batak Calendar
Originating in India, the Batak calendar takes into account the succession of the seasons and the time for the planting of the rice. There are three different years. The Great Year of 360 days, the Rice Year of 6 to 7 months and the Maize year of 3 to 4 months. In fixing a good day for a Feast, the datus also took into account the position of the stars. The Calendar, (Porhalaan) was carved on a piece of bamboo and shows a number of small squares, 12 or 13 lengthways denoting the months, and 30 across denoting the days. The Bataks also have a lunar year, which begins when the constellations of Orion and Scorpio appear in the sky together, the former in the western sky, the latter in the east. When the crescent moon in the west passes north of Orion, we have the beginning of the first month of the Batak year. (April.) The Batak calendar is not a calendar in the modern sense of the word. Rather, it is a diviners instrument to decide whether a day will be auspicious or not. The diviner was consulted before any important event: The planting of rice; the fixing of a wedding day; the building of a new house; the laying out of a new village; a sacrificial ceremony in connection with a birth; a name giving; a burial; an exhumation of bones. (a practice which is still continued in certain places.) The calendar is only used to fix a favourable day for the start of an undertaking, not for its continuation. The various calendars sometimes differ in detail but all have the 12 or 13 months and the 30 days. The 7th day is always unfavourable and no important undertaking should be started on that day. The differences between calendars gives the datus a chance of proving that their calendar is the best. Not all datus have the months begin on the same day. The calendar shows a number of empty squares. Those days promise well for the future. In between are squares which show symbolic figures and Batak letters, and these days may be lucky, doubtful or unfavourable.

Exhumation of Bones
“Them bones them bones them, dry bones...” has a special significance for Batak people. Exhuming and re-burying the bones of ancestors is still practiced today, only slightly modified by Christianity. This honour is not accorded to everybody, only to those who had many male progeny, when the deceased is exalted to the status of sumangot, or patron saint. But the descendents must be willing to hold a big feast. Before the feast begins, the forebears are exhumed. They are believed to take part in the feast, after which they are laid to rest in a concrete tomb, examples of which can be seen all around Lake Toba. Reasons for exhumation vary. It may happen that a series of calamities cause descendents to consult the datu, or wizard, who may advise it, or a family may feel thankful to their forebears for their good fortune. There are two sorts of exhumation; one is called pesta turun and is the more honourable feast. Several buffalo are killed and many guests invited. Only rich people can afford this. The more common feast is pesta gombar, and lasts two or three days, but nowadays, there is usually just a prayer meeting. Under the direction of the pastor the bones are exhumed, washed, put into a casket and later taken to the new tomb.

Aceh

Pulau Weh
On the island, thatched beach bungalows are scattered through the palm trees around the beaches. Although one or two offer Air Con and a little luxury, most are basic but adequate, and all have mosquito nets. Monkeys often visit, climbing over the trees and roofs, so don’t leave things on your balcony while you are out. The two main beaches, (although there are others,) are Gapang and Iboih, three and a half kilometres apart and only a few km from the misleadingly named ‘Point Km 0’, supposedly Indonesia’s most westerly point.
There is some first class diving and snorkelling here with some impressive, deep landscapes and a huge variety of marine life: lots of sting rays, moray eels and lion fish, barracudas, turtles, manta and eagle rays, Napoleon wrasses, fields of sea fans, reef shark, The island is also visited by hundreds of dolphins. Contrary t o what is said in a certain popular travel guide book nicknamed the bible, there is plenty of live coral at Gapang beach - and it’s a good place for spotting turtles as well. The coral gardens and underwater landscapes are magnificent, and diving is the ultimate way to experience Pulau Weh. (Glass bottomed boat available for the faint hearted!) Boat trips to Rubiah island, off Iboih, or to other good snorkelling spots are easily arranged locally, as are trips to see dolphins. Motor bikes can be hired to explore the rest of the island, which also has hundreds of large fruit bats, hot mud pools, a small steaming volcano, some hot springs, a swallow cave, and a waterfall hidden in the jungle with a cool pool for swimming.

Pulau Weh by ferry
The best and safest way to get to Pulau Weh is by ferry from Belawan. It leaves at 2 pm and arrives at 9 am, from where you catch the ferry to the island or a bus into Banda Aceh. but check Pelni’s sailing dates which tend to change every few months. Everyone says the snorkelling and diving are excellent and that it is a good place to stay, but some travellers are concerned about going to Aceh while it is in the News. It is safe for tourists, you are not a target and will be welcomed there. However, a totally safe way to go is by Pelni Ferry. It leaves from Belawan, timetable from Trophy Tour, Medan. The cost is Rp 75.000 Economy Class, Rp 145.000 2nd class including the bus from Medan. (Cheaper if you buy it from the Pelni Office at Belawan, but getting to Belawan Port is not always so easy unless a group share a Taxi. You can get to Belawan for Rp 1.500 but Belawan is not Belawan Port.) The price includes meals in the ships Restaurant. You arrive in the harbour - a ticket office, pier and food stalls - from where you get the ferry for Puluh Weh. So no need to go into the town of Banda Aceh.

Going to Aceh?
Aceh has become very popular over the last few years, but many travellers have stayed away scared by the political unrest that continues to hit the head-lines. However, until today not a single tourist has had problems connected with the crisis. Singkil, the gateway to Pulau Banyak is one of the safest places in the Province, as it is outside the conflict area, and Pulau Weh remains very popular and as peaceful as it always has been. The Province of Aceh is beautiful, the people are welcoming, friendly and hospitable, but if you are going there it is best to check on the latest developments, either by talking to local people or through the Internet. One rule-of-thumb guide; - if the buses are running, it’s probably safe.
Lho Nga and Lam Puuk beaches are on the west coast of Aceh, about 17 km from the city of Banda Aceh and can be reached by public bus in 30 minutes. These white sand beaches are startlingly beautiful and are excellent for swimming, snorkelling and diving. These are the nearest beaches to the city, but Banda Aceh itself has a few interesting sights.
The Baiturrahman Mosque was originally built in the 12th Century but was burned several times. The present building was built in 1883 by the Dutch Military Government, extraordinary in its architecture and ornamentation. There is also a museum, with many antiquities including a large bell given to the Acehnese by the Emperor of China in 1414. And Gunongan, a man made miniature mountain built by a Sultan for his wife early in the 17th century, and it’s a good spot for watching the sunset.


The West Coast
South of Banda Aceh along the west coast of Aceh province must be one of the most scenic highways in S.E. Asia, recently paved and easily accessible by minibus from Banda Aceh’s main bus terminal. The fifteen hour bus ride from to Tupaktuan in Aceh’s south is filled with white sand peninsulas, virgin jungle, and green water estuaries. Even more interesting are the many stops in between, beginning with Kula Dho, 4 hours south of Banda Aceh, which has two excellent bungalow resorts, surfing, and uninhabited beaches that stretch for 50 km or more.
Further south, the highway winds through a series of small beachside villages until the largest city on the west coast, Meulaboh, 4 hours south of Kuala Dho. Meulaboh has a wide variety of accommodation from losmen to inexpensive higher end hotels. Local surfing and snorkelling, as well as the city’s many late night coffee shops, make it a great stopover before heading inland, where the highway winds into the mountains through jungle and rainforest to Blangpidie, 8 hours inland. At Blangpidie, travellers have an option to travel to Kutacane, a mountain town with hot springs and gateway to Ketambe, or to continue one hour south to Labuhanaje, the ferry terminal for Pulau Simelue. Boats leave three times a week to this extraordinary island which has a few losmen, but also many accommodating locals willing to offer tourists places to sleep at a minimal charge that includes hot food. The surfing here is unbelievable, some say better than at Nias, as well as many excellent unvisited swimming beaches. Back on the mainland, a short 20 minute drive from Labuhanhaljie, is Tupaktuan, a friendly seaside town with cheap accommodation and some of the best seafood in Aceh. Hikes and beach treks are very popular here, as well as relaxing in town. Buses are available back to Medan, which is a 6 hour ride, Sidikalang, and other points further south.

Blangkejeran, Aceh
This 72 km stretch of worn tarmac and potholes is another scenically spectacular ride. For the first 2 hours the road follows closely the course of the Alas river as it winds its way through Gunung Leuser national park. Apart from the orderly squares of paddy fields that hug the river, the landscape is fairly wild and rugged, with only a few tiny villages along the way. After an hour the road passes through Gumpang, an important market town, before beginning the climb up the slopes to the east of the valley. Thirty minutes before Blangkejeran the road passes above Agusan, a small town in the Alas valley and the starting point to climb Gunung Leuser.
Then the scenery changes dramatically. Lush jungle gives way to rolling hills of pasture and tree stumps - you have left the national park! The busy rural town of Blangkejeran stands at an important crossroads; as well as being on the main Kutacane - Takengon highway, it also has connections with both the east and west coasts. An appalling road from Blangkejeran heads to Simpang Trangon, north of Blangpidie on Aceh’s west coast, and a similarly hazardous road from the village of Pinding, 15 km east of Blangkejeran, connects the town with Pereulak on the east coast.
Blangkejeran also lies at the heart of a region which grows tobacco - as well other herbs which can either be smoked, or used in cooking.

Bukit Tinggi

Situated in the heart of the Minangkabau in the highlands of central West Sumatera, Bukit Tinggi is a cultural, commercial and tourist centre famous for its spectacular scenery and cool climate. This prosperous and clean city offers most facilities for travellers and tourists, with a wide range of accommodation, several internet cafes, western restaurants, travel agents and cinemas. Most banks have ATMs for all major credit cards. The central shopping area and adjoining markets are the largest to be found in Sumatera, and include a bird market on Saturdays. Within the city are several places of interest including a clean zoo, Jam Gedung, Fort de Cock (now a ruin,) the Japanese cave and Sianok canyon, and views of the surrounding countryside and volcano are visible from most places in town. Many horse drawn Bendi's make local transport a cheap, and often shared pleasure as you enjoy the sights. Local bars offer live music at night, and traditional dancing can be seen at the Cultural Centre on Saturdays.
Situated in the heart of the Minangkabau in the highlands of central West Sumatera, Bukit Tinggi is a cultural, commercial and tourist centre famous for its spectacular scenery and cool climate. This prosperous and clean city offers most facilities for travellers and tourists, with a wide range of accommodation, several internet cafes, western restaurants, travel agents and cinemas. Most banks have ATMs for all major credit cards. The central shopping area and adjoining markets are the largest to be found in Sumatera, and include a bird market on Saturdays. Within the city are several places of interest including a clean zoo, Jam Gedung, Fort de Cock (now a ruin,) the Japanese cave and Sianok canyon, and views of the surrounding countryside and volcano are visible from most places in town. Many horse drawn Bendi's make local transport a cheap, and often shared pleasure as you enjoy the sights. Local bars offer live music at night, and traditional dancing can be seen at the Cultural Centre on Saturdays.
The picturesque Lake Meninjau is two hours away by bus, and guides will take you to the surrounding peaks. Bukit Tinggi is a 12 hour bus ride from Lake Toba or Dumai, Padang is three hours away, from where you can get a Pelni ferry to Jakarta, or to off shore islands. It is also possible to connect by boat to Singapore or Malacca through Pakanbaru and Dumai.

Padang
There are plenty of quality hotels, though very few for budget travellers. Losmen and cheaper accommodation can be found at the delightful Bungus Beach on the Indian ocean, approx 25 km south of the city, where the jungle clad hills drop steeply to the coast and it is a good place to wait if you have a few days before a ferry connection. Also within easy reach are the culturally rich Minang highlands and the fascinating Mentawai islands where stone age traditions still survive.

Sibolga and Nias Island
Sibolga is the ferry port for Nias and other islands off the west coast, as well as the gateway to West Sumatera, but it has attractions of its own in terms of its historical background, lovely beach, coral gardens in a sea dotted with islands - and wonderful food! There is also a golf course 12 km from town.

Nias Island lies 125 km off the west coast and has been host to the World Surfing Championships. It is the surf which brings people here, but the place also has a history and a unique culture. Gunung Sitoli is the capital, and access to the island is via Bineka airport, 19 km from town, or Pelabukan Angin, the island's harbour, 5 km away from the town.
The traditional houses in the south of Nias are oval in shape, and the older houses are entered by a ladder to a trap-door in the floor. Some can be found just 5 km from Sitoli, and also nearby is the stalactite hung cave of Togi Ndrawa, (meaning foreigner's cave) which was formerly used as HQ for buying slaves. There are several sites and villages around the island featuring 'Rumah adat' as well as megalithic parks containing huge old stone carvings dating from 3,000 years ago, (the oldest megaliths in Indonesia according to Rumbi Mulia, 1980.) Tetegewo, 13 km from Lahusa, Tunorumbawo and Tundrumbaho, are three of these, but just about every village has its share of ancient stone carvings. Bawomataluo is the oldest village, at 400 meters above sea level, and is reached by climbing 88 stone steps. The single gateway is guarded by two stone animal carvings, and inside are 136 traditional houses. These are centred around the King's house, the biggest traditional house on Nias, built on massive decorated wooden beams. Stone jumping and traditional dances can be seen here and also at Hilisi maetano village, which is more easily accessible.
But it is still the beaches and superb surf which attracts people to Nias, and the surf is at its best between April and October. Lugundri and Sorake beaches on the south coast have several kilometers of white, palm lined sand about 12 km from Teluk Dalam. There are other, smaller islands of the west coast of Nias. Bawa Island is a two hour Rp 5000/10.000 trip by daily public boat from Sirombu harbour, it has excellent surf as well as a sheltered beach on the east coast, and a lake with crocodiles. Asu Island can be reached by boat charter and offers surfers left hand reef breaks in the north, as well as sheltered beaches for swimming or snorkelling.
South of Nias lies Pulau-Pulau Batu, a mini archipelago consisting of 101 islands, just south of the equator and reached by a 30 minute flight or a 6 hour ferry ride three times a week. The trip to Nias from Sibolga takes 8 to 13 hours depending on the weather.

Batam and visa runs
Batam, one of the largest Indonesian islands that form the Riau archipilego, is Indonesia's fastest growing tourist destination after Bali, in terms of visitor arrivals. It is an ideal entry point to Indonesia, the ferry ride from Singapore takes only 40 minutes, and from Batam you can travel by air or ferry to numerous destinations. The island has a beauty which is unspoiled by the excellent growing infrastructure. There are 5 star hotels with first rate facilities as well as budget hotels, providing opportunities for island hopping golfers or water sports enthusiasts, as well as sun worshipers who just want rest and relaxation in this latest Indonesian holiday playground.
Places of interest include the Tiara Indah Handicraft Centre as it has a huge selection of crafts from most of Indonesia's 26 provinces; Dapur Dua Belas, which offers a glimpse of a way of life which has vanished from Batam; the beautiful stretch of sand at Nongsa beach, and Pulau Buluh, a traditional village with houses built over water.
Away from the bustling islands of Batam, Bintan and Karimun near Singapore, the Riau islands remain a sleepy backwater ideal for leisurely exploration of an old fashioned way of life which is rapidly disappearing. Pekanbaru is the capital city of Riau province, and has several buildings designed in traditional Riau architectural style, among them are Balai Dang Merdu, Balai Adat and Taman Budaya Riau.

Visa renewal
Coming Back for More?Sixty days is just not enough time to see Sumatra, let alone the rest of Indonesia. For people who are thinking of returning to Penang for visa renewal and coming back, there is an alternative, little used, very comfortable, and inexpensive way to do it. Pelni Ferries run every 4 days from Belawan Port to Batam Island. You can book your trip both ways in advance, whether you are travelling economy or in a cabin. (Economy fare Rp 100.000, 2nd Class Rp 175.000) Otherwise buy a return on arrival at Batam, either from the ticket touts (only slightly more expensive) or from the ticket office by the departure hall. (Which only opens shortly before sailing.) You may only be able to buy an Economy class ticket here, but you can upgrade on the ship as it leaves at 5.00 pm if you want to.
Next, take the speedboat to Singapore - they run every 40 minutes or so. The speedboat costs 26 S$ return at the ticket office on Batam, or the equivalent in Rupiah. You dock at the World Trade Centre in Singapore, and although you will not have much time for shopping, you will have time for a tasty lunch. If you don't have a return ticket for Batam, buy one on the second floor, from where you disembark to go back to Batam. (Remember an onward ticket is an Immigration requirement.)
If you get back to Batam by about 4.00 pm local time you will have plenty of time to get another Pelni Liner back to Belawan, which leaves at 5.00 pm that night and arrives at Belawan around 9.00 in the morning. So, no need to stay in Singapore unless you want to. If so, you can return 4 days later. Other entry / exit points are Singapore to Tanjung Balai, and Dumai to Malacca.

Reisinfo India

Gepost in Reisinfo Hits: 4099

Vliegen in India

India heeft een ruime verscheidenheid aan budget luchtvaartmaatschappijen. Op bijna alle grotere plaatsen is wel te vliegen. Een goed alternatief i.p.v. een lange treinreis en als je beperkt tijd hebt. En het is nog heel betaalbaar ook!

Wij hebben een vlucht gezocht om gelijk na aankomst in Mumbai door te vliegen naar Varanasi. Uiteindelijk geslaagd bij Spicejet.

airindia_logo.gif sahara_logo.gif deccan_logo1.gif
goair_logo.gif indian_logo.gif indigo_logo.gif
jagson_logo.gif jet_logo.gif kingfisher_logo.gif
mdlr_logo_sm.jpg spicejet_logo.gif paramount_logo.gif


Een handige site is verder makemytrip.com dit is een Indiase bestemming/tickets vergelijker, zoiets als cheaptickets.nl of vliegtickets.nl. Hier kan je heel snel zien welke cheapies tussen je bestemming vliegen. Boeken was in ons geval iets goedkoper bij de airline zelf.

Treinreizen

De officiele site is die van Indian Railways hier vind je de dienstregeling in pdf vorm. Handiger is site van Indian rail waar de dienstregeling direct op te roepen is. Een kaart van India met het gehele trein netwerk staat hier . (PDF)

Treintickets boeken kan je op de site van Indian railway, hier kan je ook eenvoudig boeken vanuit Nederland.

Syrie

Gepost in Reisinfo Hits: 7720

Algemene indruk
Syrië wordt doorsneden door grote rivieren als de Orontes en de Eufraat en heeft een woestijnachtig oosten en een mediterraan westen. De buurlanden zijn Israël, Jordanië, Irak, Turkije en Libanon.

Syrië heeft een lange geschiedenis achter zich. Bewoond door verschillende volkeren in de jaren voor Christus, werd het een Romeinse provincie, Syria. Later ging het over naar hun erfgenamen, de Byzantijnen, die verschillende steden als Antiochië (tegenwoordig het Turkse Antakya, maar vroeger deel van Syrië) en Damascus deden bloeien. Syrië stond toen voor de hele Levant, met name het huidige Syrië, Libanon, Jordanië en Israël.

Het werd veroverd door de Arabieren in de 7e eeuw na Christus. De Arabische dynastie van de Omajjaden vestigden hun hoofdstad in Damascus en lieten er de beroemde Omajjadenmoskee na.

Vervolgens kreeg Syrië te maken met de kruistochten. De Frankische kruisvaarders bouwden verschillende kruisvaarderskastelen, zoals het Krak des Chevaliers. Dit was ook de periode van de beroemde Saladin, wiens standbeeld nog altijd in Damascus staat. Deze beroemde Koerdische veldheer slaagde er in Jeruzalem te veroveren op de christenen.

Nadien kreeg Syrië af te rekenen met Mongoolse invallen. Daardoor verzwakt, kon het makkelijk ingelijfd worden door het Osmaanse Rijk. Toen dat uiteen viel, werd het grote Syrië in twee gesplitst: het noorden werd door de Volkenbond toegekend aan Frankrijk en werd het moderne Libanon en Syrië. Palestina en Transjordanië gingen naar het Verenigd Koninkrijk.

Na de Tweede Wereldoorlog werd Syrië in 1946 onafhankelijk. In 1958 verenigden Egypte en Syrië zich tot de Verenigde Arabische Republiek, die door Syrië amper 3 jaar later al verlaten werd. In 1963 kwam de Ba'ath partij aan de macht. In 1970 kwam Hafez al-Assad aan de macht, die het land leidde tot zijn dood in 2000. Toen werd hij opgevolgd door zijn zoon Bashir.

Visum
Een visum is te verkrijgen op de ambassade van Syrië en kost 32€ en twee pasfoto's.

Ambassade in België
Franklin Rooseveltlaan 3
1050 Brussel
02/639.08.13

Je kan als Nederlander ook gewoon bij aankomst je visum halen aangezien wij geen Syrische ambassade hebben in Holland. Op de luchthaven in Damascus gaat dit vrij snel, ook ’s nachts!

Het systeem werkt als volgt;

Voordat de je meldt bij de douane ga je naar het kleine hokje in de hal. Hier worden zegels verkocht die straks bij je visum geplakt worden. Dit is dus ook de plek waar je betaald voor je visum, dit kan in USD en euro’s. Vervolgens naar de rij met douane balies en je stempeltjes ophalen. Een Multiple entry visum verkrijgen (aangezien we retour zouden komen vanuit Jordanië) is ons hier niet gelukt, overigens ook niet bij de immigratie kantoren in Damascus. Bij terugkomst uit Jordanië hebben we bij de grens gewoon weer een nieuw visum gekocht. Uiteindelijk bleek dit overigens nog steeds goedkoper dan hier in NL een multiple entry visum te laten regelen…., de goedkoopste manier blijft overigens wel gewoon zelf naar Brussel te gaan maar dat was ons nou weer net wat te ver vanuit Noord Holland….

Belangrijk! Zorg dat je in je paspoort geen enkel bewijs hebt van een bezoek aan Israël. Doe je een rondreis in de regio, doe dan Israël aan als laatste land of laat je Israëlische visum en stempel op een apart papiertje zetten. Zelfs dan ben je niet zeker, want als je de grens over komt tussen bv. Israël en Jordanië en dan naar Syrië reist, zullen de Syrische grenswachters merken dat je in Israël bent geweest aan de hand van de stempels van de Jordaanse grenspost. De toegang tot Syrië zal je dan ontzegd worden. Zeg ook niet dat je van plan bent naar Israël te reizen als je dat wel bent.

Vervoer
busticket Ons rondje hebben we geheel met het openbaar vervoer gemaakt. Over het algemeen zijn de bussen prima. Tussen de grotere steden touringcars die meestal voorzien zijn van airco en op de andere routes gaat er altijd wel een minibusje. Het is soms even zoeken naar de juiste bus bij de terminals aangezien alles alleen in het Arabisch aangegeven staat. Maar je komt er altijd uit, vaak met de hulp van iemand die net genoeg Engels spreekt om mee te kunnen converseren en die spontaan met je op sjouw gaat naar je bus.
De touringcars tussen de steden kosten gemiddeld 75 – 100 SP per rit. Minibusjes zijn 10 – 25 SP per rit.

Accomodatie
De kwaliteit van de hotels / guesthouses varieert. Over het algemeen zijn de goedkopere ook echt wel basic en vindt je eigenlijk weinig plekken die zich richten op de westerse backpackers scene. Uitzonderingen in Aleppo en Damascus daar gelaten.

De prijs van een kamer ligt rond de 500 SP. Meestal heb je dan met badkamer en fan, soms is de badkamer gedeeld op de gang.

Eten
Ontbijt verzorgen we meestal zelf. Je kan prima voor weinig broodjes en beleg kopen. Er zit meestal wel een bakker in de buurt die diverse soorten broodjes bakt. Het lokale platte brood, khobz, wordt overal bij gegeten en is op zich wel goed te doen als ze vers zijn. Maar wij vonden de kleine stokbrood achtige broodjes toch beter. Smeerkaasjes zijn bijna altijd te krijgen en op de markt de kleine Libanese komkommertjes, en dan bouw je al snel heerlijke sandwiches.

Water in flessen is overal te koop. Het avondeten is niet zo heel gevarieerd met voornamelijk shoarma en kebab. Vegetarische maaltijden zijn ook mogelijk, zoals falafel. Vaak wordt er schaap en lam gegeten, zoals kibbeh (lam met geplette granen). Dit wordt voorafgegaan door een mezze, allerlei kleine voorgerechtjes die tegelijk worden opgediend. Hier zit o.a. tabouleh tussen (salade van gehakte peterselie met tomaten, sesamolie, gebroken tarwe en citroensap), hoummous (puree van kikkererwten), kounafa (gebakje met vulling van pistache, kaas en room)

Bezoeken

Onze route ziet er als volgt uit; Damascus, Homs, Krak de Chevaliers, Palmyra, Deir ez-Zur, Aleppo, Hama, Damascus en vervolgens door naar Amman

Geld
De munteenheid is de Syrische Pond, koers 2007: 100 SP = 1,76 Euro
Syrië is nog goedkoop, als je de boodschappen op de marktjes doet en in de kebab tentjes eet kan je met weinig rondkomen. De bezienswaardigheden zijn ook nog heel redelijk geprijsd.
Geldautomaten zijn inmiddels in de grote steden vrij algemeen te vinden maar slechts een klein deel accepteert Cirrus/Maistro. Creditcard gaat iets beter. Geld wisselen kan bij banken en in Damascus en Aleppo bij kleine wisselkantoortjes, je Euro’s kan je overal kwijt.

Openingstijden banken Zaterdag tot donderdag van 8.00 tot 12.30 uur en van 15.30 tot 17.30 uur. Op vrijdag is ALLES gesloten en dat geldt uiteraard ook voor de banken.

Internet

Internetten is overal waar wij geweest zijn mogelijk. Kosten; rond de 750 fils per uur.  De snelheid is over het algemeen redelijk.


Damascus

Algemene indruk
Damascus heeft twee gezichten; de "oude stad" met z’n fraaie straatjes, souks en gebouwen en alles daarbuiten. En dat daarbuiten is niet heel fraai; het centrum is redelijk modern en bestaat hoofdzakelijk uit niet al te subtiele betonbouw, de buitenwijken zijn grauw en lelijk.

Toch is het een stad waar het wel goed vertoeven is. Vooral als ’s avonds alles tot leven komt en de verlichte winkeltjes en eetstalletjes zelfs de meest grauwe straat in geur en kleur zetten. En de oude stad is natuurlijk een genot om te verblijven. Iedere vierkante centimeter is bedrijvigheid en cultuur. Heerlijk om rond te zwerven

Accomodatie
Beirut hotel, in de Al Istikal lane vlak bij het Martyr square, 500 Sp voor een kamer met fan, badkamer op de gang. Niet heel geweldig, ook niet te beroerd. Wel eenvoudig maar kamers aan de voorzijde hebben een groot balkon.

Later overnacht in de oude stad in;
Al-Amin al-Jedid Hotel, 350 Sp voor een knappe kamer, badkamer op de gang, douche kost 100 Sp extra maar dan heb je ook wel een echte hete plons!
Locatie is niet te kloppen; midden in the Old center halverwege Straight street.

Eten
Hoewel je vrijwel overal wel wat kan eten in het centrum van Damascus vind je de meeste restaurantjes in de buurt van het Martyr square en op de tweede helft van Straight street (Bab sharqi st.) In dit Christelijke deel van de oude stad ook wat meer "luxe" restaurants met een westerse inslag. Pizza’s e.d. ook verkrijgbaar.

Geld
Pinnen bij de geldautomaat kan wel in Damascus maar het is zoeken…., er zijn zowiezo maar weinig pinautomaten en de meeste pinautomaten zijn niet geschikt voor cirrus/maestro. We hebben er een gevonden in de oude stad bij een bank in de buurt van Maristan nur al-Din. Het is niet heel eenvoudig te vinden maar vraag wat rond en er is wel iemand die je de weg kan wijzen. Helemaal aan het eind van Straight street staat bij Bab Sharqi ook een ATM die met creditcards overweg zou moeten kunnen, is ons niet gelukt. Aan de overkant van de grote kruising voor de ingang van de Hamadiye souk zit een heel aantal kantoortjes met geldwisselaars.

Vervoer
Damascus International Airport ligt 35 km ten zuidoosten van Damascus. De airportbus gaat ieder half uur tussen het vliegveld en de Baramkeh busterminal in het centrum. 75 Sp ongeveer een half uur. De bus retour vertrekt van dezelfde plek en kost 50 Sp. Per persoon.
Vanaf hier kan je lopend het centrum in of een taxi pakken.
In het centrum valt alles qua afstand te belopen. Een taxi kan je ook overal begaan, de straten zien er geregeld helemaal geel van…. Ze kosten weinig, een ritje is ongeveer 50-75 Sp. Je kan gewoon op de meter rijden!
Vanuit Damascus zijn we met de bus naar Homs gegaan. Deze vertrekt van de Baramkeh terminal en is in twee uur in homs. 75 Sp
Later ook vanuit Damascus naar Amman gereisd. Ook deze bus vertrekt vanaf de Baramkeh terminal. De "Challenge" busmaatschappij is ons heel goed bevallen, nieuwe bus en een heel goede service wat vooral erg van pas kwam bij de grens. Het kantoortje is op de Baramkeh terminal. Kosten 350 Sp per persoon. Het is totaal vier uur van Damascus naar Amman.

Bezoeken
De oude stad is voldoende om je een dag of wat bezig te houden. De souks zijn enorm en echt alles wordt er verkocht. De wirwar van smalle straatjes is ook heel leuk om te ontdekken en er zijn heel veel gebouwen met een verhaal.
Niet te missen is de Ummayyad moskee gelegen aan het einde van de Hamdiye souk. Een prachtig statig gebouw met een heel serene atmosfeer binnen de muren. De entree is 150 Sp en je kan gelijk de graftombe van Saladin meepakken want die staat ook op het terrein.
Verder is het Azem palace de moeite waard; mooie historische gebouwen met prachtig gedecoreerde kamers die nu in gebruik zijn als museum en het leven in oud Damascus verbeelden. Entree 150 Sp.
Het National museum is het beste wat Syrië op museumgebied te bieden heeft. Wij vonden het wel prettig om eerst rond te reizen en dan pas het museum te bezoeken. Op deze manier spreekt wat je in het museum ziet veel meer aan omdat je het nu de locaties een beetje kent en er een beeld bij hebt. Het is een groot museum met een heel diverse collectie. Buiten in de tuin staat ook nog een enorme hoeveelheid aan beelden en is een heerlijk schaduwrijk terras!

Toegang 150 Sp. Overigens is het museum ook op vrijdag open.

Jordanie

Gepost in Reisinfo Hits: 3265

Algemene indruk
Jordanië, het rijk van koning Abdulla de Tweede, is ruim twee keer zo groot als Nederland. Het grenst aan Israël, Syrië, Irak en Saudi-Arabië. De Dode Zee ligt in het noordwesten en de Rode Zee in het zuidwesten. De bevolking is bijzonder gastvrij en er is veel te zien. De bekendste bezienswaardigheid is ongetwijfeld de ruïnestad Petra, in het zuiden van het land. De drukke hoofdstad Amman daarentegen is best gezellig maar ook nogal lelijk en heeft geen echt bijzondere attracties. Wij bezochten Jordanië in juni en dan is het overal wat toerisme aangaat heel rustig, het drukke seizoen is van April - Juni en in September.
{mosgmap mapid=5}


Vervoer
We hebben alles met de bus afgelegd. Meestal zijn dit royale minibussen zonder airco. Grote touringcars rijden er veel minder op de gangbare routes. In de steden hebben we meestal een taxi gepakt. De ritten zijn meestal zo tussen de 750 fils en 1 JD.

Accommodatie
We hebben in kleine hotels overnacht, kosten tussen 8 - 12 JD per kamer met gedeelde badkamer en soms voor een kamer met badkamer. Ontbijt is een enkele keer inbegrepen. 

Eten
Ontbijt verzorgen we meestal zelf. Je kan prima voor weinig broodjes en beleg kopen. Er zit meestal wel een bakker in de buurt die diverse soorten broodjes bakt. Het lokale platte brood, khobz, wordt overal bij gegeten en is op zich wel goed te doen als ze vers zijn. Maar wij vonden de kleine stokbrood achtige broodjes toch beter. Smeerkaasjes zijn bijna altijd te krijgen en op de markt de kleine Libanese komkommertjes. 
Water in flessen is overal te koop. Het avondeten is weinig gevarieerd met shoarma, kebab en falafel als belangrijkste ingrediënten maar hier en daar valt er ook wel een pizzaatje te scoren.

Bezoeken
Onze route ziet er als volgt uit; Amman, Wadi Musa (Petra), Wadi Rum, Aqaba, Karak, Madaba, Amman, Damascus.
 
Geld
Koers 2007: 1 JD = 1.3 Euro 
Jordanië is een vrij duur vakantieland, maar als je de goedkope hotels en eetgelegenheden uitkiest is het goed te doen.
De meeste valuta zijn makkelijk te wisselen, en geldautomaten zijn inmiddels in alle steden te vinden.
Munteenheid Jordaanse dinar (JOD), onderverdeeld in 1000 fils.
Openingstijden banken Zaterdag tot donderdag van 8.00 tot 12.30 uur en van 15.30 tot 17.30 uur.
 
Internet
Internetten is in de meeste plaatsen mogelijk. Kosten; rond de 750 fils per uur.  De snelheid varieert van goed tot geen...

Amman
Algemene indruk
Groot en druk. Met name in het centrum zijn de wegen op elke vierkante centimeter gevuld met auto. Ook niet een erg mooie stad, eigenlijk maar twee (oudheidkundige) bezienswaardigheden; De Citadel en het Romeinse theater. Toch viel het ons eigenlijk nog wel mee, een dag om door te reizen valt er gerust wel door te brengen. Amman als thuisbasis voor bezoeken aan de omgeving kan ook, er is een hoop te zien in de directe omgeving. Maar dan kan je beter kiezen voor Madaba; ligt er vlak in de buurt en is een veel prettigere en kleinere stad.

Accommodatie
New park hotel, 12 JD, inclusief badkamer, de 3e verdieping heeft de beste kamers!, locatie is niet zo geweldig, vlak bij drukke weg met fly over.
Palace hotel, 13 JD incl. ontbijt, gedeelde badkamer, is een prima hotel, schoon en mooie kamers, met lobby/lounge area, in hartje centrum en toch heel rustig gelegen. Absolute aanrader.

Eten
Uiteraard heel veel shoarma / kebab restaurantjes in het centrum. Geen westerse (pizza) restaurants te vinden hier. Het Cairo restaurant vonden wij wel een klein toppertje, lekkere mansaf!.
 
Vchallengeervoer
Wij arriveerden in Amman met de bus vanuit Damascus.  De maatschappij die zeker aan te bevelen is op deze route is "Challenge" Ze hebben in Damascus hun kantoortje in het Baramkeh busstation, in Amman zitten ze vlak bij het Abdali busstation. Hele fraaie bussen en een prima service. Ze helpen je ook je weg te vinden bij de grensovergang. Damascus - Amman duurt vier uur, kosten 350 SP in Damascus, Amman - Damascus, 6 JD
In het centrum kom je met de taxi overal voor 1 JD

 

Internet
Welcome internet 750 fils / uur.

Bezoeken
De Citadel ligt in het centrum op een heuvel. Er is al het een en ander van de oude burcht gerestaureerd zodat je een beetje een idee kunt krijgen hoe het er ooit uitgezien moet hebben. Het nationale museum is ernaast. Toegang citadel en museum; 2 JD


Wadi Musa
Algemene indruk
Klein stadje wat is ontstaan door de steeds maar groeiende toestroom van toeristen naar Petra. Het centrumpje ligt op een 15 min lopen (bergafwaarts) van de ingang van Petra. Hier bevinden zich de meeste goedkope hotels en restaurants. De grote hotelketens hebben allemaal hun plekje tegen de ingang van Petra aan weten te bemachtigen.

Accommodatie orient gate
Orient gate hotel, 10 JD per kamer met gedeelde badkamer. Mooi klein hotel, in de buurt van de rotonde in Wadi Musa.
De eigenaars kan trips regelen, o.a. naar Wadi Rum.

Eten
De groente en fruit markt is in de hal naast het busstation, in het centrum zijn alle winkeltjes en ook twee bakkers. Het Al Arabi restaurant bij de Shadeed rotonde is heel schoon en ons wel goed bevallen. Iets verder richting de Jordan Islamic Bank zit ook nog een pizza restaurant wat goed en goedkoop is.

Vervoer
Vanaf het Abdali busstation in Amman gaan minibussen naar Wadi rum. Ongeveer 2 ½ uur. In Wadi rum valt alles te belopen. Alleen na een dag Petra is het ERG prettig om een taxi de heuvel op te nemen! (1 JD)

Internet
Diverse internetcafeetjes 1 JD per uur.

Bezoeken
Petra
Vooraf goed bedenken hoeveel dagen je hier wilt vertoeven, 2x een dagkaart is namelijk veel duurder dagen een twee dagen kaart; 1 dag – 21 JD, 2 dagen – 26 JD.
Wij kozen voor een (lange) dag Petra. Vanaf 06.00 kan je naar binnen en de groepen komen pas na achten. Lekker vroeg heen gaan dus en je hebt het (bijna) voor jezelf. Binnen zijn wat theetenten en een paar luxe restaurants maar je kan ook heel goed gaan picknicken door een van de Wadi’s in te lopen en een heerlijk rustig en koel plekje te vinden in een van de vele grotten tussen de bloeiende struiken. Wij zijn de Wadi Siyagh ingelopen, vlakbij de luxe restaurants, geweldig!
Rond 09.00 uur is het licht het mooist op de Treasury, in de namiddag is het moment om naar het klooster te gaan.


Wadi Rum
Algemene indruk
Een prachtig natuurgebied. Als een schilderspalet in het rood, geel, groen en zwart gekleurd.

Accommodatie
Overnacht in een tent in Sunset camp, is prima te doen, zelfs met heel redelijke bedden. ’s Nachts echt doodstil in de woestijn en heerlijk koel. Waren de enige gasten die avond.


Eten
Werd verzorgt in het kamp, is ook prima in orde, eigenlijk een van de betere happen die we in Jordanie hebben gehad. ’s Avonds “entertainment” (discodansen) met de eigenaar. De bergwand achter het kamp is bedekt met lampjes en de dansvloer centraal in het kamp. Eigenlijk helemaal niet ons ding maar met z’n tweeën en de latin dansende  bedoeïen ontzettend veel lol gehad.

Vervoer
Naar Wadi rum met de 4WD vanuit Wadi musa gekomen.
Vanuit Diseh de bus genomen naar Aqaba. Er gaat een bus om 07:00 uur vol met scholieren. Ongeveer een uurtje rijden.


Bezoeken
Wij bezoeken de woestijn rond Wadi rum per 4WD. Het tripje regelen we in het Orient gate hotel in Wadi musa. Kosten 35 JD per persoon. Hiervoor krijg je de reis naar Wadi rum, 4 uur rondrijden door de woestijn en overnachting in een woestijnkamp. Is erg de moeite waard, de woestijn is geweldig, kamp was eigenlijk wel erg groot maar verder geen bezoekers dus alles voor ons zelf. Heerlijk eten, en een eigenaar van het kamp die echt een toffe peer is.


Aqaba

Algemene indruk
Dit moet ooit het Eilat van Jordanie worden, en men is al aardig op weg, veel fraaie shops e.d. Wel kan het er verzengend heet zijn…., wat bij ons dus het geval was….

Accommodatie
Verbleven in het Petra hotel. 8 jd per kamer met gedeelde badkamer.  Kamer op 4e verdieping met balkon, prachtig uitzicht op stad en Rode zee. Er is een lift aanwezig.
Nadeel is dat bij grote hitte de kamer ook erg heet wordt, Na enen staat de zon aan de raamkant… Beter om iets met airco te zoeken…

Eten
Heel wat restaurantjes in het centrum. Tegenover het Petra hotel is een kleine groente en fruit markt. Hier zit ook een bakker.

Vervoer
Vanuit Diseh nabij Wadi rum de bus genomen naar Aqaba. Er gaat een bus om 07:00 uur. Ongeveer een uurtje rijden.

Internet
Diverse internetcafeetjes 1 JD per uur.

Geld
Veel pinautomaten in Aqaba.

Bezoeken
Ons plan is om wat te gaan snorkelen in de Rode zee nabij Aqaba. Maar vanwege de hitte hier maar vanaf gezien. Schijnt wel de moeite waard te zijn.


Karak
Algemene indruk
Mooi rustig stadje, koel, hoger gelegen, met eigenlijk alleen het kruisvaarderskasteel te bezichtigen.

Accommodatie
Overnacht in het Karak castle hotel, zoals de naam al suggereert inderdaad vlak bij het kasteel gelegen. 12 JD per kamer incl. badkamer. Mooie onlangs opgeknapte kamers. Goed heet water. Aardige Egyptische eigenaar.

Eten
Karak heeft in de directe nabijheid van het kasteel wat op westerlingen georiënteerde restaurants met terras aan een pleintje. Wij zijn voor de locale quisine gegaan in een twee-tafel-restaurantje ergens achteraf. Was een tip van de Egyptenaar uit het Karak castle hotel. Simpel, goedkoop en prima te eten.

Vervoer
Vanuit Aqaba met een minibusje, deze vertrekken niet van het grote busstation maar iets westelijk daarvan aan de achterkant van de moskee.

Internet
Niet gezien.

Geld
Ook geen pinautomaten gezien.

Bezoeken
Naast het kasteel is hier eigenlijk niet zoveel te doen, behalve dan genieten van de rust en koele temperatuur. Het kasteel is ook een overblijfsel van de kruisvaarders. Na Krak de Chevallier kon dit natuurlijk alleen maar tegenvallen en dat deed het dan ook. Het is veel minder indrukwekkend, maar kom je niet in Krak dan zeker doen want er is natuurlijk genoeg te zien. Ook heeft men hier een prachtig nieuw museum in een van de booggalerijen wat zeer de moeite waard is.


Madaba
Algemene indruk
Ook weer een rustig stadje in de heuvels. Bekend vanwege de vele mozaïeken in met name oude kerkenvloeren. Wordt veel kortstondig bezocht door tourgroepen vanuit Amman als tussenstop op weg naar de Dode zee en heeft zodoende ook veel souvenirshops (vooral mozaïeken en tapijten) in het centrum. Is eigenlijk een prima alternatief om te verblijven i.p.v. Amman. Veel overzichtelijker en een centrum met sfeer en ook heel centraal gelegen t.o.v. de diverse bezienswaardigheden. Is ons goed bevallen.

Accommodatie
Verbleven in het Madaba hotel. 10 JD per kamer, rustig gelegen, royale kamers, gedeelde badkamer op de gang.

Eten
Vele restaurants in het centrum, de meeste met de standaard menukaart: kebab, shoarma, fallafel. Een aanrader is het Haret Jdoudna restaurant. Heel sfeervol met binnenplaats en overal nissen en hoekjes tussen de klimplanten tegen de muren. Ook uitgebreide en meer westerse menukaart. Wel wat duurder.

Vervoer busticket
De bus vertrekt in Karak vanaf het grote busstation in het dal onder de muren van het kasteel. Vanaf hier met minibusje naar Amman, dachten we. Uiteindelijk in Zarqa beland. Hier een directe minibus gepakt naar Madaba. Dit pakte niet eens zo gek uit want uiteindelijk was de verbinding heel snel omdat we de drukte van het centrum van Amman konden overslaan.

 

Internet
Veel plekken om te internetten, soms redelijk snel soms tergend langzaam.

Geld
Veel atms in Madaba.

 

Bezoeken
De stadswandeling uit de LP gemaakt. Het centrum van Medaba heeft heel wat bezienswaardigheden en alles ligt vrij dicht bij elkaar, goed te belopen. Veel mozaïeken.

Trip naar Mt. Mebo en de Dode zee gemaakt. Geregeld in het Madaba hotel. 20 JD voor auto, met z’n drieën op pad, de hele middag en tot zonsondergang bij de dode zee geweest. Naar Amman beach geweest, de enige plek naast de resorts met douches. De toegang is nu 5 JD, je vindt er douches, kleedhokjes, parasols, snacks etc.
Mt. Mebo is de plek waar Moses voor het eerst het beloofde land zag. Er staat een gedenknaald en een nieuwe kerk met oude mozaïekvloeren. We hadden de berg eigenlijk hoger verwacht. Mooi uitzicht over de Jordan vallei en in de verte de Dode zee. Veel pelgrims en gelovigen (Amerikanen) die hun “bible tour” maken.

De Dode zee is een aparte ervaring om mee te maken. Het dobberen is heel relaxed en zwemmen wordt opeens weer ingewikkeld, en je wordt je bewust van sneetjes in je lichaam waar je het bestaan niet van afwist….
Na afloop dus lekker afdouchen. Er wordt overigens ook druk gesmeerd met “heilzame” modder uit het meer.

Jerash
Met de minibus vanaf het Abdali busstation in Amman, 500 fils, 1 uur.
De toegang is 8 JD. Het oude park ligt vlak tegen de nieuwe stad Jerash aan. Mooie Romeinse site vergelijkbaar met Palmyra in Syrie. Hier echter nog een prachtig ovaal plein met zuilen te bezichtigen en twee fraaie theaters. Prachtige hoge zuilen bij de overblijfselen van de Tempel van Artemis.

 

Info over Jordanië Algemeen
Hoofdstad Amman
Oppervlakte 89.2006 km2
Hoogste punt 1754 m (Jabal Ramm).
Laagste punt -410 m (Dode Zee).
Aantal inwoners 4.434.978
Autoletter JOR
Voertaal Arabisch
Talen die ook gesproken worden Engels
Elektriciteit 220 V
Tijdverschil 1 uur vroeger.

Communicatie
Buiten Amman zijn niet veel openbare telefoons, maar vaak mag je voor een lokaal belletje gebruik maken van de telefoon in een winkeltje of supermarkt. Mobiele telefoons zijn te huur.
Internationale landen code 962

NL. Ambassade ter plaatse 22 Embassy Street
4th Cicle Amman
Tel: 00-962-6-5930089
Ambassade Nederland Badhuisweg 79
2587 CD Den Haag
Tel.:070-4167200
Fax:070-4167209
Internet site www.w2go.com/jordan

Cultuur
In Jordanië is het overgrote deel van de bevolking islamitisch. Daarnaast is een klein deel christelijk. Veruit de meeste Jordaniërs zijn Arabieren, waarvan bijna de helft Palestijnse vluchtelingen. Minderheden die hier leven zijn Circasiërs uit de Kaukasus, Armeniërs, Koerden en Turken.
Tapijten en sieraden worden in Jordanië al eeuwen lang gemaakt. Sieraden zijn een financiële verzekering, vooral voor de vrouwen die ze bij hun huwelijk krijgen. Tapijten worden handmatig gemaakt door de nomaden, maar tegenwoordig ook machinaal.
In juli kun je in Jerash veel zien van de Jordaanse cultuur. Tussen ruïnes uit de Oudheid vindt dan het jaarlijkse festival plaats, met dans, concerten en marktjes.

Religie

Islamitisch en christelijk.


Feestdagen

  • 1 januari: Nieuwjaardag
  • 15 januari: Boomdag
  • 22 maart: Dag van de Arabische Liga
  • 1 mei: Dag van de Arbeid
  • 25 mei: Onafhankelijkheidsdag
  • 25 december: Kerstmis

Daarnaast worden in Jordanië uiteraard de belangrijke islamitische feestdagen gevierd, zoals de ramadan.

Eten en drinken
Eten is in Jordanië een belangrijke sociale gebeurtenis. Het is daarom goed mogelijk dat je bij iemand thuis uitgenodigd wordt. Elke streek heeft zijn eigen specialiteiten. Als hoofdgerecht wordt meestal gevogelte of lamsvlees met rijst en groenten geserveerd. Lamsvlees met rijst, pijnboompitten en een yoghurtsaus - 'mansaf' genaamd - is het nationale gerecht.
Jordaniërs houden erg van zoete desserts met honing, deeg, noten, rozenwater en kaneel. Tot slot drinkt men sterke koffie (met onderin de koffiedrab, die je natuurlijk niet opdrinkt!), zoete thee of mintthee.

Geld
Jordanië is een vrij duur land, maar als je goedkope hotels en eetgelegenheden uitkiest is het goed te doen. De meeste valuta zijn makkelijk te wisselen, en g eldautomaten zijn inmiddels in alle steden te vinden. Munteenheid Jordaanse dinar (JOD), onderverdeeld in 1000 fils. Openingstijden banken Zaterdag tot donderdag van 8.00 tot 12.30 uur en van 15.30 tot 17.30 uur.


Gezondheid

Inenting tegen geelzucht, Hepatitis (A en B) en tyfus wordt aangeraden, maar is niet verplicht. Geadviseerd wordt water uit flessen te drinken.

Grensformaliteiten
Hou altijd je paspoort bij de hand. In bepaalde gebieden, zoals de Rode Zee, stuit je regelmatig op militaire controles. Een visum is verplicht. Je hebt een geldig paspoort nodig.

Vervoer
Tussen Amman en Akaba wordt de enige binnenlandse vlucht uitgevoerd. Verder rijdt tussen Amman en Damascus twee keer per week een trein. De grotere steden worden met elkaar verbonden door de bussen van JETT. Voor drukke lijnen kun je het beste reserveren. In de kleinere steden rijden minibussen. De wegen in Jordanië zijn goed. De verkeersregels komen overeen met de onze. Over het algemeen rijden de Jordaniërs redelijk netjes. Een auto huren kun je met een internationaal rijbewijs en als je minimaal 25 jaar bent. Max. snelheid 80 km/u.

Weer en klimaat
Het oosten van Jordanië bestaat vooral uit woestijn, hier is dan ook een zogeheten woestijnklimaat. Het is hier bloedheet en droog. In het westen heerst nog deels een mediterraan klimaat. In dit gedeelte valt genoeg regen om bijvoorbeeld aan landbouw te doen. In de bergen valt ook regen, 's winters sneeuw. In Aqaba, bij de Rode Zee, is de temperatuur 's winters ook nog aangenaam. De zomers zijn in heel Jordanië heet.
Klimaattype Steppeklimaat (westen) en woestijnklimaat. Beste periode om land te bezoeken van Maart tot Juni en rond September.